Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Sikkelklaver - Medicago falcata

Frysk: KrŻme klaver

English: Sickle medic

FranÁais: Luzerne en faux

Deutsch: Sichelklee

Synoniemen: Medicago sativa subsp. falcata

Familie: Fabaceae (Vlinderbloemenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Klaver komt mogelijk van een Indogermaanse grondvorm glei (smeren), naar het kleverige vocht van de bloemen. Medicago komt van het Latijnse medicus of medica (van MediŽ afkomstig). Falcata betekent sikkel- of zeisvormig.

Kruising: Bonte luzerne (Medicago x varia) is de bastaard van Sikkelklaver en Luzerne.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Hoofdbloei: Mei t/m september.

Afmeting: 20-50 cm.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


.kuleuven-kulak.be/bioweb

Wortels: Een penwortel en soms meters lange, ondergrondse uitlopers.


s.idigbio.org -
CC BY-NC 3.0


s.idigbio.org -
CC BY-NC 3.0


herbariaunited.org


s.idigbio.org -
CC BY-NC 3.0

Stengels: Vaak grote matten vormend. De liggende tot opstijgende stengels zijn verspreid behaard.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Bladeren: De blaadjes zijn drietallig. De deelblaadjes zijn langwerpig tot lijnvormig, tot 2 cm groot en met de grootste breedte boven het midden en aan de top enkele tanden. De steunblaadjes zijn smal en meestal zwak getand.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Bloemen: Tweeslachtig. De meestal rijkbloemige trossen zijn halfbolvormig tot eivormig. De 5 tot mm grote bloemen zijn geel of soms geelwit.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


kuleuven-kulak.be/bioweb

Vruchten: Een doosvrucht. De zwarte, 0,8-1Ĺ cm lange peulen zijn vrijwel recht tot sikkelvormig (hoogstens een kwart van een cirkel). Tweezaadlobbig.


kuleuven-kulak.be/bioweb


kuleuven-kulak.be/bioweb


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Zonnige plaatsen op vochtige tot droge, matig voedselarme tot matig voedselrijke, kalkhoudende, grazige grond (zand, klei, leem, zavel en mergel).

Groeiplaatsen: Rivierduinen, rivierdijken, zeeduinen (binnenduinen en bermen), grasland (kalkgrasland), bermen, langs spoorwegen (spoorbermen en spoorwegterreinen), haventerreinen, industrieterreinen, opgespoten grond (kalkrijk zand), braakliggende grond en waterkanten (rivieroeverwallen).

Verspreiding

Wereld: Europa, behalve in enkele randgebieden, en in AziŽ tot in de koudste delen van SiberiŽ. Ingeburgerd in Noord-Amerika.

Nederland: Vrij algemeen in het rivierengebied en vrij zeldzaam in de duinen ten zuiden van Bergen. Elders zeldzaam tot zeer zeldzaam of ontbrekend.

Vlaanderen: Vij algemeen.
WalloniŽ:
Vrij zeldzaam.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 3, Jan Kops (1814)


Flora Batava, Jan Kops, F. A. Hartsen en F. W. van Eeden. Deel 13 (1868)


Flora Batava, deel 23, Jan Kops, F.W. van Eeden en L.Vuyck (1911)


Cruijdeboek, deel 4, Rembert Dodoens. Corenen, Legumina, Distelen ende dyerghelijcke (1554)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)


English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 3, J.E. Sowerby (1864)


Flora Parisiensis, deel 5, P. Bulliard (1776-1781)


Introductio generalis in rem herbariam, deel 3, A.Q. Rivinus (1690-1777)


Bilder ur Nordens Flora, Carl Axel Magnus Lindman (1917-1926)


Svensk botanik, deel 4, J.W. Palmstruch e.a. (1807)


Illustrations of the British Flora, Walter Hood Fitch (1924)


La flore et la pomone francaises, deel 2, J.H. Jaume Saint-Hilaire (1829)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL