Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Slanke zegge - Carex strigosa

Frysk:

English: Thin-spiked Wood-sedge

FranÁais: LaÓche maigre

Deutsch: DŁnnšhrige Segge

Synoniemen:

Familie: Cyperaceae (Cypergrassenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Zegge stamt uit het Indogermaanse woord seq (snijden). Carex is zeer waarschijnlijk afgeleid van het Latijnse ceiro (ik snij) een verwijzing naar de scherpe kanten van de bladeren. Strigosa betekent mager of schraal.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Bloeimaanden: Mei en juni.

Afmeting: 50-100 cm.


© Adrie van Heerden - verspreidingsatlas.nl


Daderot -
CC0


Krzysztof Ziarnek -
GFDL


Krzysztof Ziarnek -
CC BY-SA 3.0

Wortels: Kort kruipende wortelstokken.


herbariaunited.org


herbariaunited.org


herbariaunited.org


herbariaunited.org

Stengels: De stengels zijn dun (in het midden ongeveer 1 mm) en afgeplat-driekantig. De onderste scheden zijn bruin of soms roodachtig. De plant vormt losse pollen.


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk -
CC-BY-NC-SA-2.0 uk


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk -
CC-BY-NC-SA-2.0 uk


J R Crellin -
CC BY-NC-ND 3.0


© Biopix: JC Schou

Bladeren: De bladen zijn meestal 0,5-1 cm breed. De rand is ruw, evenals aan de voet.


Kristian Peters -
CC BY-SA 3.0


Sten Porse -
CC BY-SA 3.0


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk -
CC-BY-NC-SA-2.0 uk


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk -
CC-BY-NC-SA-2.0 uk

Bloemen: Eenslachtig. Eenhuizig. Een langgerekte bloeiwijze met ťťn mannelijke topaar en drie of meer van elkaar verwijderd staande dunne losbloemige, later vaak overbuigende tot 8 cm lange vrouwelijke aren, die 2-3 mm dik zokn en met drie stempels. De schutbladen komen niet tot de top van de bloeiwijze. Een tamelijk wijde, tot 5 cm lange schede, waar de aarstelen al of niet uit kunnen steken.


Kristian Peters -
CC BY-SA 3.0


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk -
CC-BY-NC-SA-2.0 uk


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk -
CC-BY-NC-SA-2.0 uk


J R Crellin -
CC BY-NC-ND 3.0

Vruchten: Een eenzadige dopvrucht of nootje. De lichtgroene urntjes zijn krom-spoelvormig, spits en worden ruim 3 mm lang. Ze hebben zes tot tien nerven. Ze zijn versmald in een zeer korte, iets scheef staande afgeknotte snavel. De zaden zijn langlevend (langer dan vijf jaar). Eenzaadlobbig.


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Licht beschaduwde tot beschaduwde, vrij open plaatsen op natte, matig voedselarme tot meestal matig voedselrijke, kalkhoudende tot zwak zure grond. Vaak op kwelplekken met kalkhoudend water.

Groeiplaatsen: Bossen (natte loofbossen, langs bospaden en in hellingbossen bij bronbeekjes) en waterkanten (langs bronbeekjes en pas uitgegraven poelen en vijvers).

Verspreiding

Wereld: Zuidwest-AziŽ (nabij de Kaspische Zee), Midden- en West-Europa, noordelijk tot Denemarken. In grote delen van het verspreidingsgebied is Slanke zegge zeldzaam.

Nederland Zeer zeldzaam.

Vlaanderen: Zeldzaam.
WalloniŽ:
Zeldzaam.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 8, Jan Kops en Herman Christiaan van Hall (1844)


Deutschlands Flora in Abbildungen, Jacob Sturm und Johann Georg Sturm


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)


Illustrations of the British Flora, Walter Hood Fitch (1924)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL