Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Smalle waterweegbree - Alisma gramineum

Andere namen

Frysk: Smel kikkertsblêd

English: Ribbon-leaved Water-plantain

Français: Plantain d'eau à feuilles de graminée

Deutsch: Grasblättriger Froschlöffel

Verouderde of andere namen: Alisma graminifolium, Smalbladige waterweegbree

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Alismatales

Familie: Alismataceae (Waterweegbreefamilie)

Geslacht: Alisma (Waterweegbree)

Soort: Alisma gramineum

Naamgeving (Etymologie): Alisma komt van het Keltische alis (water), dus een waterplant. Gramineum betekent grasachtig.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hydrofyt of helofyt.

Bloeimaanden: Juli, augustus en september.

Afmeting: 15-80 cm.


© Bert Verbuggen - verspreidingsatlas.nl


Gary Larson - Public Domain


Karelj - CC BY-SA 3.0


Karelj - CC BY-SA 3.0

Wortels


web.corral.tacc.utexas.edu - CC0-1.0


imago.indiana.edu - CC BY-NC 3.0


midwestherbaria.org - CC BY-NC 3.0


hasbrouck.asu.edu - CC BY-NC 3.0

Stengels: Rechtopstaande bloeistengels.


© Bert Verbuggen - verspreidingsatlas.nl


Karelj - CC BY-SA 3.0


© Bert Verbuggen - verspreidingsatlas.nl


© Ben Kruijsen - CC BY-NC-ND 3.0

Bladeren: De bladeren vormen rozetten. De onderwaterbladeren zijn lintvormig, vrij donker groen en worden tot 1 cm breed en tot 70 cm lang. Aan de top zijn ze in een driehoekige punt versmald. De luchtbladeren hebben een smal spatelvormige bladschijf, die geleidelijk in de steel versmald. Meestal hebben ze een vrij stompe top.


Daniele Saiani - CC BY-NC-ND 4.0


Sergio Montanari - CC BY-NC-ND 4.0


Sergio Montanari - CC BY-NC-ND 4.0


Sergio Montanari - CC BY-NC-ND 4.0

Bloemen: Tweeslachtig. De bloemen kunnen zowel onder water (ze gaan dan niet open) als op het land bloeien en vruchtzetten. De bloempluim is vaak breder dan hoog. Na de bloei knikken de pluimtakken soms iets terug. De 4-7 mm grote bloemen zijn wit en soms hebben ze een paars aangelopen rand. De kroonbladen zijn langer dan de kelk. De stijl is omgekruld.


© Bert Verbuggen - verspreidingsatlas.nl


Sergio Montanari - CC BY-NC-ND 4.0


Sergio Montanari - CC BY-NC-ND 4.0


Daniele Saiani - CC BY-NC-ND 4.0

Vruchten: Een eenzadige dopvrucht of nootje. De nootjes zijn 2-2,75 mm en hebben twee groeven op de rug. Eenzaadlobbig.


Sergio Montanari - CC BY-NC-ND 4.0


dzn.eldoc.ub.rug.nl

   

Biotoop

Bodem: Zonnige plaatsen in of en langs stilstaand of zwak stromend, ondiep (tot 70 cm), matig voedselrijk tot voedselrijk, maar weinig of niet verontreinigd, zoet of zwak brak, kalkhoudend, helder water met een bodem van klei en soms veen of humeus zand.

Groeiplaatsen: Waterkanten en water (in meestal wat grotere plassen aan de buitenrand van de oevervegetatie, in en langs sloten tussen bollenvelden, sloten langs spoorwegen, wielen en kleigaten), zeeduinen (infiltratiegebieden) en opgespoten grond (natte delen).

Verspreiding

Wereld: Gematigde streken op het noordelijk halfrond. Voornamelijk in de meer continentale gebieden.


gbif.org

Nederland: Vrij zeldzaam in laagveengebieden in Zuid-Holland en in de kop van Overijssel en in het Veluwemeer, zeldzaam in het rivierengebied en in de Hollandse duinen. Elders zeer zeldzaam.
Rode lijst 2012. Thans niet bedreigd. Trend sinds 1950: stabiel of toegenomen. Vrij zeldzaam. Oorspronkelijk inheems.


verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Zeer zeldzaam in het kustgebied.
Rode lijst. Met verdwijning bedreigd. Beschermd.


Wallonië: Zeer zeldzaam in het Maasgebied (op 1 plek).
Rode lijst. Ernstig bedreigd.

© 2001-2018 K.M. Dijkstra