Wilde planten in Nederland en België

Smalle aster - Symphyotrichum lanceolatum

Frysk: Smelle aster

English: Narrow-leaved Michaelmas-daisy

Français: Aster lancéolé

Deutsch: Lanzettblättrige Aster

Synoniemen: Lancetbladige aster, Aster lanceolatus, Kleine aster, Aster tradescantii

Familie: Asteraceae (Composietenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Aster betekent ster, vanwege de stervormige bloemhoofdjes. Lanceolatum betekent lancetvormig.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Bloeimaanden: Augustus, september en oktober.

Afmeting: 0,60-1,30 meter.


P.F. Stolwijk -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Enrico Romani -
CC BY-NC-ND 4.0


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Augustin Roche - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR

Wortels: De plant breidt zich voornamelijk uit via de lange wortelstokken.


storage.idigbio.org -
CC BY-NC 3.0


storage.idigbio.org -
CC BY-NC 3.0


bisque.iplantcollaborative.org -
CC BY-NC 3.0


storage.idigbio.org -
CC BY-NC 3.0

Stengels: De rechtopstaande stengels zijn groen en soms paarsrood aangelopen. Ze hebben uitlopers en vormen zo groepen.


Marie Portas - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Marie Portas - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Lacroix-Falgarde - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Mathieu Menand - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR

Bladeren: De langwerpige bladeren zijn kaal. Ze hebben een gave of iets getande rand en een versmalde, zittende voet.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Marie Portas - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Marie Portas - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Mathieu Menand - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR

Bloemen: Polygaam. De bloemhoofdjes vormen samen smalle en vrij dichte pluimen. De laatste vertakkingen van de pluim dragen meestal maar één of twee bladeren. De hoofdjes zijn 1,2-2½ cm breed. De lintbloemen zijn lila, wit of blauwpaars. De buisbloemen zijn geel. Het omwindsel is ongeveer 5 mm hoog. De buitenste omwindselbladen hebben geen smalle groene top.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Fritzflohrreynolds -
CC BY-SA 3.0


Hugues Tinguy - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR

Vruchten: Een eenzadige dopvrucht of nootje. Tweezaadlobbig.


Dominique Remaud - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Dominique Remaud - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Zonnige plaatsen op vochtige tot natte, matig voedselrijke tot voedselrijke grond.

Groeiplaatsen: Ruigten, langs spoorwegen (spoorbermen), waterkanten (sloten, rivierkribben en ruigten langs rivieren en kanalen), ruderale plaatsen en braakliggende grond in steden.

Verspreiding

Wereld: Oorspronkelijk uit Noord-Amerika. Ingeburgerd in Europa, noordelijk tot in Noorwegen.

Nederland: Plaatselijk vrij algemeen in het rivierengebied. Elders zeldzaam. Na 1975 ingeburgerd.

Vlaanderen: Vrij algemeen  ingeburgerd.
Wallonië
Vrij algemeen  ingeburgerd.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten). (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 15, Jan Kops en F.W. van Eeden (1877)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL