Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Steenkruidkers - Lepidium ruderale

Andere namen

Frysk: Púnkerskrûd

English: Narrow-leaved Pepperwort

Français: Passerage des décombres

Deutsch: Schutt-Kresse

Verouderde of andere namen:

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Brassicales

Familie: Brassicaceae (Kruisbloemenfamilie)

Geslacht: Lepidium (Kruidkers)

Soort: Lepidium ruderale

Naamgeving (Etymologie): Lepidium komt van het Griekse lepis (schub), hetgeen slaat op de kleine hauwtjes, die wel wat op schubben lijken. Ruderale betekent van puinhopen.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Eenjarig of soms tweejarig.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Therofyt.

Bloeimaanden: Mei, juni, juli, augustus, september en oktober.

Afmeting: 10-40 cm.


http://www.kuleuven-kulak.be


http://www.kuleuven-kulak.be


Krzysztof Ziarnek - GFDL


Teun Spaans - CC BY 2.5

Wortels


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0

Stengels: De taaie stengels zijn bezemvormig vertakt en begroeid met stompe haren.


Pieter Stolwijk - CC BY-NC-SA 3.0 NL


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


http://www.kuleuven-kulak.be


http://www.kuleuven-kulak.be

Bladeren: De onderste rozetbladen (in de vruchttijd zijn deze al afgestorven) zijn diep veervormig ingesneden, met smalle slippen die zich naar de top iets verbreden. De middelste en bovenste stengelbladeren zijn lijnvormig tot spatelvormig, stomp, gaafrandig en zelden dieper gedeeld. Op bladeren groeien stompe haren. Ze ruiken onaangenaam.


Peter Hegi - CC BY-NC-SA 3.0 NL


http://www.kuleuven-kulak.be


http://www.kuleuven-kulak.be


Julia Kruse - CC BY-SA 3.0

Bloemen: Tweeslachtig. De groene bloemen zijn ongeveer 1 mm groot. Ze hebben geen kroonbladen en twee meeldraden.


http://www.kuleuven-kulak.be


http://www.kuleuven-kulak.be


Sergio Montanari - CC BY-NC-ND 4.0


Sergio Montanari - CC BY-NC-ND 4.0

Vruchten: Een doosvrucht. De gevleugelde hauwtjes zijn breed eirond, 1½-2½ mm lang en 1½-2 mm breed. De zaden zijn ongeveer 1,3-0,6 mm. Tweezaadlobbig.


kuleuven-kulak.be


kuleuven-kulak.be


kuleuven-kulak.be


dzn.eldoc.ub.rug.nl

Biotoop

Bodem: Zonnige, open plaatsen op droge tot vochtige, voedselrijke tot zeer voedselrijke, met name stikstofrijke, stenige of omgewerkte, vaak betreden grond (tredplant). De plant verdraagt enig zout en is goed bestand tegen betreding (zand of stenige, kalkrijke grond).

Groeiplaatsen: Dijken, bermen, grasland (zilt grasland), stortterreinen, ruderale plaatsen, ruigten, muren, tussen straatstenen, haventerreinen, industrieterreinen, langs spoorwegen (spoorwegterreinen), parkeerplaatsen en afgravingen (kleigroeven langs de rivieren).

Verspreiding

Wereld: In bijna heel Europa (uitgezonderd Noord-Scandinavië en delen van Ierland en Schotland) en in West- en Midden-Azië. Ingeburgerd in Noord-Amerika, Argentinië, Chili, Zuid- en West-Afrika, Nieuw-Zeeland en Australië.


gbif.org

Nederland: Vrij algemeen in stedelijke gebieden. Het meest in het kustgebied en langs de grote rivieren. Elders zeldzamer.
Rode lijst 2012. Thans niet bedreigd. Trend sinds 1950: stabiel of toegenomen. Algemeen. Al voor 1500 ingevoerd (archeofyt).


verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Vrij algemeen in het kustgebied en in stedelijke gebieden. Elders vrij zeldzaam.
Rode lijst. Thans niet bedreigd.


Wallonië: Vrij algemeen in stedelijke gebieden. Zeldzaam in de Ardennen.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 1, Jan Kops (1800)


Flora Batava, deel 1, Jan Kops (1800)


Deutschlands Flora in Abbildungen, Jacob Sturm und Johann Georg Sturm (1796)


Bilder ur Nordens Flora, Carl Axel Magnus Lindman (1917-1926)


Flora Danica Georg Christian Oeder e.a. (1761-1888)

     

© 2001-2018 K.M. Dijkstra