Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Stekelkamgras - Cynosurus echinatus

Frysk:

English: Rough Dog's-tail

FranÁais: Crťtelle ťpineuse

Deutsch: Grannen-Kammgras (Igel-Kammgras)

Synoniemen:

Familie: Poaceae (Grassenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Cynosurus komt van het Griekse cynos (van de hond) en oura (staart), hetgeen slaat op de lange, stijve, stoppelige bloeiwijze. Echinatus betekent egelvormig of stekelharig.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Eťnjarig.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Therofyt.

Hoofdbloei: Juni en juli.

Afmeting: 20-60 cm.


Harry Rose -
CC BY 2.0


Daderot - Public Domain


Harry Rose -
CC BY 2.0


taitovereem -
CC BY-NC 4.0

Wortels: Soms wortelen de stengels in het onderste deel op de knopen.


Harry Rose -
CC BY 2.0


Herbarium GJO -
CC BY 4.0


Botanischer Garten und Botanisches Museum Berlin -
CC BY-SA 3.0 de


Botanischer Garten und Botanisches Museum Berlin -
CC BY-SA 3.0 de

Stengels: Dez planten zijn aan de voet bundelsgewijs vertakt. De rechtopgaande rechtopgaande of aan de voet opstijgende stengels zijn naar boven dun.


Harry Rose -
CC BY 2.0


Harry Rose -
CC BY 2.0


Harry Rose -
CC BY 2.0


Maleen Mund -
CC BY-NC 4.0

Bladeren: De gladde of zwak rugwaarts ruwe bladscheden zijn opgeblazen. De meestal vlakke bladen zijn 2-8(-12) mm breed. Ze zijn glad of aan beide kanten min of meer ruw. Het langwerpige, spitse tongetje is voor een klein deel met de bladschijf vergroeid. Het vrije deel is 2-4 mm lang. Vaak is het franjeachtig.


Harry Rose -
CC BY 2.0


Harry Rose -
CC BY 2.0


Harry Rose -
CC BY 2.0


Leon Perrie -
CC BY 4.0

Bloemen: Tweeslachtig. De eenzijdige aarpluim is eivormig-langwerpig, 1-4 cm lang (zonder de lange naalden) en 1-2 cm breed. De aartjes zijn, zonder de naalden, tot 7 mm lang. Later glanzen ze meest zilverachtig. De niet-bloeiende aartjes zijn zeer kort gesteeld (minder dan 1 mm). Het lemma van de onderste bloem van het vruchtbare aartje is lang genaald. De kelkkafjes van de bloemdragende aartjes zijn lancet-lijnvormig, in een korte, naaldachtige spits versmald en zilvervliezig.


Harry Rose -
CC BY 2.0


Harry Rose -
CC BY 2.0


Harry Rose -
CC BY 2.0


Anton Gjeldum -
CC BY-NC 4.0

Vruchten: Een graanvrucht. Eenzaadlobbig.


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


David Muirhead -
CC BY-NC 4.0


Barbara L. Wilson -
CC BY-NC 4.0


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Zonnige plaatsen op vochtige tot droge, warme, voedselrijke, stikstofarme tot stikstofrijke, vaak stenige, ruderale en omgewerkte grond.

Groeiplaatsen: Muren, ruigten, bermen, langs duin- en heidepaden, akkers (met name bollenvelden), spoor- en haventerreinen, stortplaatsen en ruderale plaatsen.

Verspreiding

Wereld: Oorspronkelijk uit het Middellandse Zeegebied en Zuidwest-AziŽ. Elders ingeburgerd.

Nederland: Zeldzaam. Het meest in stedelijke gebieden. Ingeburgerd na 2000.

Vlaanderen: Zeldzaam ingeburgerd.
WalloniŽ
: Niet ingeburgerd.

Toepassingen
Stekelkamgras wordt als sierplant toegepast (droogboeketten).

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL