Wilde planten in Nederland en België

Stijlroos - Rosa stylosa

Frysk:

English: Short-styled Field-rose

Français: Rose stylée

Deutsch: Griffel-Rose

Synoniemen:

Familie: Rosaceae (Rozenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Rosa is het Latijnse woord voor roos. De naam komt komt via het Griekse rodon van het Oudperzische wurdo, waar het 'doornstruik' betekende. Stylosa betekent met een lange stijl.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Struik.

Winterknoppen: Fanerofyt.

Bloeimaanden: Juni en juli.

Afmeting: Tot 3 meter.


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant -
CC BY-SA 4.0


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk -
CC-BY-NC-SA-2.0 uk


Marc Seguin - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Augustin Roche - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR

Takken: Afhangende takken met lange, stijve, stevige, sikkelvormige stekels.


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk -
CC-BY-NC-SA-2.0 uk


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk -
CC-BY-NC-SA-2.0 uk


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk -
CC-BY-NC-SA-2.0 uk


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk -
CC-BY-NC-SA-2.0 uk

Bladeren: De bladeren zijn meestal zeventallig, maar soms vijftallig. De elliptische deelblaadjes zijn 2-4 cm lang. Ze zijn scherp gezaagd, van onderen in ieder geval op de nerven. behaard en niet beklierd.


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant -
CC BY-SA 4.0


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk -
CC-BY-NC-SA-2.0 uk


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk -
CC-BY-NC-SA-2.0 uk

Bloemen: Tweeslachtig. Een bloeiwijze met één tot vijf bloemen. De 3-6 cm grote bloemen zijn meestal wit, maar soms roze. De kelkbladen zijn veerspletig. De stijlen zijn tot een zuiltje vergroeid. Ze zijn korter dan de binnenste meeldraden.


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant -
CC BY-SA 4.0

Vruchten: Een vlezige schijnvrucht. Een eivormige, bruinrode, 1-1,5 cm grote bottel. Vaak zijn de bottels kaal of zwak beklierd. Tweezaadlobbig.


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant - CC BY-SA 4.0


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk -
CC-BY-NC-SA-2.0 uk


Emmanuel Stratmains - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk -
CC-BY-NC-SA-2.0 uk

Biotoop

Bodem: Zonnige of half beschaduwde, warme plaatsen op droge, basenrijke, kalkrijke, humeuze, grond (leem, duinzand, stenige grond en kalkgrond).

Groeiplaatsen: Bossen (lichtrijke plaatsen), heggen, struwelen, bosranden, zeeduinen, grazige ruigten en hellingen.

Verspreiding

Wereld: West-Europa. Noordelijk tot in Duitsland, Ierland en Engeland en zuidelijk tot in het uiterste noorden van Afrika.

Nederland: Niet ingeburgerd.

Vlaanderen: Zeer zeldzaam in de duinen bij Oostduinkerke en Ter Yde, bij Budingen in Vlaams Brabant en in het West-Vlaams heuvelland.
Wallonië:
Zeer zeldzaam.

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL