Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Tamme kastanje - Castanea sativa

Frysk: Nuete kastanje

English: Sweet Chestnut

FranÁais: Ch‚taignier commun

Deutsch: Edelkastanie

Synoniemen:

Familie: Fagaceae (Napjesdragersfamilie)

Naamgeving (Etymologie): De herkomst van Castanea is niet duidelijk. Volgens sommigen is het afgeleid van Kastana, een stad in ThessaiiŽ, waar vele mooie kastanje-bomen groeiden. Volgens de mythologie werd de nimf Nea (casta-nea) tegen haar zin door Jupiter bezocht en overweldigd, daarna pleegde ze zelfmoord en werd door Jupiter in een kastanje veranderd. Sativa betekent gekweekt of tam.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Boom.

Winterknoppen: Fanerofyt.

Bloeimaanden: Mei, juni en juli.

Afmeting: 15-30 meter.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Daderot - Public Domain


Luis Miguel Bugallo SŠnchez -
CC BY-SA 3.0

Wortels: Een diepgaand wortelstelsel.

Stam: Een brede kroon. De schors van oudere bomen is bruingrijs met lengtegroeven.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Takken: De 0,5 cm grote knoppen zijn groenachtig bruin, eivormig en met twee of drie schubben.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Bladeren: De verspreidstaande en uin twee rijen staande, tot 25 cm lange bladeren zijn langwerpig, iets leerachtig, glanzend donkergroen, enkelvoudig, grof, scherp getand en met een spitse top. Aan onderkant zijn ze eerst behaard, maar later worden ze kaal. De grootste breedte zit onder het midden.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Bloemen: Eenslachtig. Eenhuizig. De lange, aarvormige, geelgroene bloeiwijzen staan rechtop in de bladoksels. Mannelijke bloemen met vele witte meeldraden. Vrouwelijke bloemen groeien aan de voet, meestal drie aan drie en de mannelijke bloemen er boven. Ze worden tot 20 cm lang, hebben zes bloembladen, die alleen bovenaan vrij zijn en zes stijve, draadvormige stempels. Tijdens de bloei gaan de bloeiwijzen meer hangen.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Vruchten: Een eenzadige dopvrucht of noot. Vruchten met ťťn tot drie gladde, glanzende, eetbare noten (tamme kastanjes). Het omhulsel is een groene, langstekelige, openspringende bolster. Tweezaadlobbig.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Biotoop

Bodem: Zonnige tot licht beschaduwde, warme plaatsen op matig droge tot matig vochtige, voedselarme tot matig voedselrijke, zwak zure grond (zand en leem).

Groeiplaatsen: Bossen (loofbossen en hellingbossen), bosranden en zeeduinen (binnenduinen).

Verspreiding

Wereld: Oorspronkelijk uit het Middellandse-Zeegebied, het Zwarte-Zeegebied en in de Alpen. Sinds lang ingeburgerd (de Romeinse tijd) in West- en Midden-Europa. Ook in Klein-AziŽ en de Kaukasus.

Nederland: Algemeen, maar zeldzamer op kleigronden.

Vlaanderen: Algemeen, maar zeldzamer in het kustgebied.
WalloniŽ:
Vrij algemeen.

Toepassingen

Tamme kastanjes zijn gepoft prima eetbaar. De Romeinen maakten er een soort pap (pollenta) van. Men droogde de kastanjes langzaam boven een open vuur, waarna ze werden gemalen en met melk gemengd. Kastanjehout wordt evenals eikenhout gebruikt voor lambrizeringen en balken.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 12, Jan Kops, P. M. E. Gevers Deijnoot en F. A. Hartsen (1865)


Afbeeldingen der artseny-gewassen met derzelver Nederduitsche en Latynsche beschryvingen. Deel 6 (1801)


Cruijdeboek, deel 6, Rembert Dodoens. Van der boomen, haghen, ende alle houtachtighe gewassen, en van huerder vruchten, gummen ende sapen ondersceet, fatsoen, naem, natuere, cracht ende werkinghe (1554)


Flora von Deutschland, ÷sterreich und der Schweiz, Prof. Dr. Otto Wilhelm Thomť (1885-1905)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL