Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Veenbies - Trichophorum germanicum

Frysk: Seadsigge

English: Deergrass

FranÁais: Scirpe cespiteux

Deutsch: Rasensimse

Synoniemen: Trichophorum cespitosum subsp. germanicum, Scirpus cespitosus, Gewone veenbies, Echte veenbies

Familie: Cyperaceae (Cypergrassenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Trichophorum komt van het Griekse thrix of trichos (een haar). Cespitosum betekent zodevormend. Germanicum betekent Germaans of Duits.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Hoofdbloei: Mei t/m juli (-herfst).

Afmeting: 5-40 cm.


Tim Asbreuk -
CC0-1.0


Meneerke bloem -
CC BY-SA 3.0


Elke Freese -
CC BY-SA 3.0


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl

Wortels


s.idigbio.org -
CC BY-NC 3.0


s.idigbio.org -
CC BY-NC 3.0


storage.idigbio.org -
CC BY-NC 3.0


mississippiplants.org -
CC BY-NC 3.0

Stengels: Dichte zoden vormend. De stijve, ronde stengels zijn niet vertakt. Een bruine tot gele herfstkleur.


Kristian Peters -
CC BY-SA 3.0


Elke Freese -
CC BY-SA 3.0


Liliane Roubaudi - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR


Alain Bigou - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR

Bladeren: Aan de voet van de stengel zitten bladloze scheden. Alleen de bovenste schede van de stengel heeft een 0,2-1 cm lange (zelden langere), gootvormige bladschijf, die 1 mm breed is.


Elke Freese -
CC BY-SA 3.0


© Koos Werther - waarneming.nl


© Ed Michels - waarneming.nl


© Koos Werther -
CC BY-NC-ND 3.0

Bloemen: Tweeslachtig. Aan de stengeltop zit ťťn bruine aar met een lengte van 4-8 mm en half zo breed. De aar bevat tot twintig bloemen. Vrouwelijke bloemen met een stijl met drie stempels. De onderste twee kafjes zijn bijna even lang als de aar met een bladschijfachtig aanhangseltje. De vijf of zes borstels zijn langer dan het nootje.


Hermann Schachner - Public Domain


Arnstein RÝnning -
CC BY-SA 3.0


Hugues Tinguy - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR


Thierry Pernot - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR

Vruchten: Een eirond, afgeplat driekantig en glad nootje van ongeveer 2 mm. De zaden zijn zeer kortlevend (korter dan ťťn jaar). Eenzaadlobbig.


Elke Freese -
CC BY-SA 3.0


© Kjell Nilsen -
CC BY-NC-ND 3.0


© Cornelis Fokker -
CC BY-NC-ND 3.0


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Zonnige plaatsen op vochtige tot natte, zure, humeuze grond (zand, leem en hoogveen).

Groeiplaatsen: Heide (natte plaatsen en met opslag dichtgroeiende plaatsen), langs spoorwegen (spoorbermen), bermen, moerasssen (bronvenen) en waterkanten (in en langs natte greppels).

Verspreiding

Wereld: Van Noord-Portugal tot de FarŲer en Zuid-ScandinaviŽ. Andere ondersoorten komen elders in Europa voor en in Noord-Amerika en AziŽ.

Nederland: Vrij zeldzaam in het oosten en midden van het land. Sterk afgenomen.

Vlaanderen: Zeldzaam. Het meest in de Kempen.
WalloniŽ:
Zeldzaam in de Ardennen.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 6, Jan Kops en Herman Christiaan van Hall (1832)


Flora von Deutschland, ÷sterreich und der Schweiz, Prof. Dr. Otto Wilhelm Thomť (1885-1905)


Pflanzenleben des Schwarzwaldes, Friedrich Oltmanns (1927)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)

`
Illustrations of the British Flora, Walter Hood Fitch (1924)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL