Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Veenorchis - Dactylorhiza majalis subsp. sphagnicola

Andere namen

Frysk:

English: Spotted Orchid

Français: Orchis des sphaignes

Deutsch: Torfmoos-Knabenkraut

Verouderde of andere namen: Dactylorhiza majalis subsp. sphagnicola, Orchis sphagnicola

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Asparagales

Familie: Orchidaceae (Orchideeënfamilie)

Geslacht: Dactylorhiza (Handekenskruid)

Soort: Dactylorhiza sphagnicola

Naamgeving (Etymologie): Dactylorhiza is afgeleid van het Oud-Griekse dactylus (teen of vinger) en rhiza (wortel). Het slaat op de vingervormige wortelknollen. Sphagnicola betekent bewoner van sphagnum-venen (veenmos).

Ondersoorten: De beide andere ondersoorten zijn: Brede orchis en Rietorchis. De drie ondersoorten worden ook wel beschouwd als afzonderlijke soorten (Dactylorhiza majalis, Dactylorhiza praetermissa en Dactylorhiza sphagnicola).
Veenorchis wordt in België, sinds 1983, als een aparte soort onderscheiden.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Geofyt.

Bloeimaanden: Mei en juni.

Afmeting: 20-50 cm.

Stengels: Een stijve, holle bloemstengel.

Bladeren: De vier verspreidstaande, lijnvormige tot lancetvormige bladen zijn (meestal) niet gevlekt. De onderste twee bladen worden tot 24 cm lang en zijn maar 2 cm breed. Het tweede blad is meestal langer dan het eerste, met een spitse top en is iets kapvormend. Het derde blad is tot 3 cm breed en schedevormend en het vierde blad is tot 1,5 cm breed en aangehecht. Vaak komen hogerop nog enkele kleinere sschutbladachtige bladen voor. Van de echte schutbladen zijn de onderste veel langer dan de vruchtbeginsels en dikwijls roze gerand.


Tsungam - CC BY-SA 4.0


Orchi - CC BY-SA 3.0


Orchi - CC BY-SA 3.0


http://nicolas.helitas.pagesperso-orange.fr

Bloemen: Tweeslachtig. Een tot 9 cm lange, dicht- en rijkbebloemde bloeiaar met lichtroze bloemen, die boven de bladeren uitsteekt. De zijdelingse kelkbladen zijn afstaand of naar achter geslagen en vertonen soms een donkerder tekening. De lip is meer breed dan lang, weinig gedeeld, met een gave of soms iets gekartelde rand en in het midden bijna wit. Het honingmerk bestaat uit iets donkerder stipjes en streepjes. De spoor is korter dan het vruchtbeginsel.

Vruchten: Een doosvrucht met stoffijne zaden. Eenzaadlobbig.

Biotoop

Bodem: Zonnige, vaak iets open plaatsen op vochtige tot natte, matig voedselarme, zwak zure tot zure grond.

Groeiplaatsen: Moerassen, hoogveenvegetaties en waterkanten (zure veenmoerassen, hoogvenen en trilvenen) en heide (langs heidevennen).

Verspreiding

Wereld: Noordwest-Europa, van Noord-Frankrijk (Franse en Belgische Ardennen), Noord-Duitsland tot in Zuid-Scandinvië.


gbif.org

Nederland: Zeer zeldzaam in Midden- en Zuid-Limburg (De Peel en de Brunssummer Heide).
Rode lijst 2012. Ernstigbedreigd. Trend sinds 1950: zeer sterk afgenomen. Zeer zeldzaam. Oorspronkelijk inheems. Beschermd.


verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Zeer zeldzaam in de oostelijke Kempen en de Maasstreek.
Rode lijst. Zeer zeldzaam. Beschermd.

Veenorchis - Dactylorhiza sphagnicola

Wallonië: Zeldzaam in de Ardennen (Ardense hoogvlakten).
Rode lijst. Bedreigd. Beschermd.

© 2001-2018 K.M. Dijkstra