Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Veldkruidkers - Lepidium campestre

Frysk: FjildkerskrŻd

English: Field Pepperwort

FranÁais: Passerage champÍtre

Deutsch: Feld-Kresse

Synoniemen:

Familie: Brassicaceae (Kruisbloemenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Lepidium komt van het Griekse lepis (schub), hetgeen slaat op de kleine hauwtjes, die wel wat op schubben lijken. Campestre betekent van het vlakke veld.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Eenjarig of soms tweejarig.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Therofyt.

Hoofdbloei: Mei t/m juli (-september).

Afmeting: 15-5(-60) cm.


BjŲrn S... -
CC BY-SA 2.0


Matt Lavin -
CC BY-SA 2.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 3.0 at


Stan Shebs -
CC BY-SA 3.0

Wortels


Neuch‚tel Herbarium -
CC BY-SA 3.0


Neuch‚tel Herbarium -
CC BY-SA 3.0


Neuch‚tel Herbarium -
CC BY-SA 3.0


Neuch‚tel Herbarium -
CC BY-SA 3.0

Stengels: De meestal rechtopstaande stengels zijn vaak alleen bovenaan vertakt. Ze zijn kort, grijsachtig behaard.


AnRo0002 -
CC0


Matt Lavin -
CC BY-SA 2.0


Stan Shebs -
CC BY-SA 3.0


Stan Shebs -
CC BY-SA 3.0

Bladeren: De rozetbladen zijn eirond tot langwerpig met een gave rand of ze zijn ondiep getand. Tijdens de bloei zijn deze afgestorven. De stengelbladen zijn smal pijlvormig, stengelomvattend, vaak getand en worden tot 4 cm lang en 1 cm breed.


AnRo0002 -
CC0


Matt Lavin  -
CC BY-SA 2.0


Stan Shebs -
CC BY-SA 3.0


Krzysztof Ziarnek -
CC BY-SA 4.0

Bloemen: Tweeslachtig. Aarvormige trossen met witte, 2-3 mm grote bloemen, die, nauwelijks langer zijn dan de kelk. De helmknoppen zijn geel.


Stan Shebs -
CC BY-SA 3.0


Krzysztof Ziarnek -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0

Vruchten: De open springende, 4-6 mm lange, rechtafstaande hauwtjes zijn breed-eivormig. Op de hauwtjes zelf groeien vele schubvormige (blaasvormige) haren. De stijl (snavel) steekt niet buiten de smalle vleugels uit. De vleugelranden buigen iets omhoog. De zaden zijn langlevend (langer dan vijf jaar). Tweezaadlobbig.


Pieter Stolwijk -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Matt Lavin -
CC BY-SA 2.0


John de Vos - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Zonnige, open plaatsen(pioniervegetatie) op vochtige, matig voedselrijke, vaak kalkhoudende of lemige, omgewerkte grond (zand en lemig zand).

Groeiplaatsen: Bermen, dijken, langs spoorwegen (spoorwegterreinen), braakliggende grond, akkers, ruigten, muren, waterkanten ( langs sloten, kanalen en rivieren), ruderale plaatsen, stortterreinen en bij graanverwerkende bedrijven.

Verspreiding

Wereld: In bijna heel Europa, oostelijk tot in de gebergten in Zuidwest-AziŽ. Ingeburgerd in Noord-Amerika, AustraliŽ en Nieuw-Zeeland.

Nederland: Zeldzaam. Het meest in het rivierengebied. Sterk afgenomen.

Vlaanderen: Vrij algemeen.
WalloniŽ:
Vrij algemeen.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 9, Jan Kops en Johannes Everhardus van der Trappen (1846)


Boeren kersse
Cruijdeboek, deel 5, Rembert Dodoens. Cruyden, wortelen ende vruchten, diemen in die spijse ghebruyckt (1554)


Flora Danica Georg Christian Oeder e.a. (1761-1888)


Illustrations of the British Flora, Walter Hood Fitch (1924)

2001-2022 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL