Wilde planten in Nederland en België

Verfbrem - Genista tinctoria

Frysk: Dúnbrem

English: Dyer's Greenweed

Français: Genêt des teinturiers

Deutsch: Färberginster

Synoniemen:

Familie: Fabaceae (Vlinderbloemenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Genista is waarschijnlijk afgeleid van het Keltische gen (een kleine struik). Het kan echter ook verwant zijn met geno of gigno (voortbrengen, de snelle groei), of het is verwant met Grieks voor een mes waarmee men de kaas afkrabt (vanwege de dorens).Tinctoria betekent gebruikt om te verven.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Dwergstruik of struik.

Winterknoppen: Fanerofyt of chamaefyt.

Hoofdbloei: Juni, juli en augustus.

Afmeting: 30-60 cm, maar soms tot 100 cm.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Wortels: Worteldiepte tot 1 meter.


Neuchâtel Herbarium -
CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium -
CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium -
CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium -
CC BY-SA 3.0

Takken: De opstijgende tot rechtopstaande takken  zijn glanzend donkergroen, afstaand behaard of (vrijwel) kaal en niet gedoornd. Een vorstgevoelige plant.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Bladeren: De eironde tot lijnvormig-langwerpige bladeren zijn 1-4,5 cm lang, vrijwel kaal en met twee kleine, smal langwerpige steunblaadjes aan de voet. De bladrand is gewimperd.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Bloemen: Tweeslachtig. Bebladerde korte of lange trossen gele, 0,8-1,6 cm grote bloemen. De kelk en kroon zijn kaal. De kelk met twee kleine steelblaadjes.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Vruchten: Een doosvrucht. De peulen zijn smal langwerpig, 2-3 cm lang en kaal tot soms dicht behaard. De zaden zijn zeer kortlevend (korter dan één jaar). Tweezaadlobbig.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant - CC BY-SA 4.0


Mathieu Menand - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Zonnige, warme plaatsen op droge tot matig vochtige, voedselarme, zwak zure, kalkarme tot kalkrijke grond (zand, leem, veen en mergel).

Groeiplaatsen: Zeeduinen (duinheide en duinvalleien), heide, grasland (laagblijvend schraal grasland en kalkgrasland), lemige bermen, zanddijken, tuunwallen, bosranden en kapvlakten.

Verspreiding

Wereld: Europa, behalve in de meest noordelijke, westelijke en zuidelijke delen. Ook in West-Azië.

Nederland: Zeldzaam. Het meest  op Texel, Terschelling en Ameland, in Zuid-Limburg en in de Noord-Hollandse duinen. Sterk afgenomen.

Vlaanderen: Zeer zeldzaam. Zeer sterk afgenomen.
Wallonië:
Vrij zeldzaam. Het meest  in het Maasgebied en in Lotharingen.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 14, Jan Kops en F.W. van Eeden (1872)


Afbeeldingen der artseny-gewassen met derzelver Nederduitsche en Latynsche beschryvingen. Deel 6 (1801)


Pflanzenleben des Schwarzwaldes, Friedrich Oltmanns (1927)


Leguminosae, Natürliche Pflanzenfamilien III, Paul Hermann Wilhelm Taubert (1891)


Cruijdeboek, deel 6, Rembert Dodoens. Van der boomen, haghen, ende alle houtachtighe gewassen, en van huerder vruchten, gummen ende sapen ondersceet, fatsoen, naem, natuere, cracht ende werkinghe (1554)


Botanischer Bilderatlas nach De Candolle's Natürlichem Pflanzensystem, Carl Hoffmann (1884)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)


Bilder ur Nordens Flora, Carl Axel Magnus Lindman (1917-1926)


Illustrations of the British Flora, Walter Hood Fitch (1924)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL