Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Vijfdelig kaasjeskruid - Malva alcea

Frysk: Hantsjetsyskeblom

English: Greater Musk-mallow

FranÁais: Mauve Alcťe

Deutsch: Rosenmalve

Synoniemen

Familie: Malvaceae (Kaasjeskruidfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Kaasjeskruid heeft te maken met de vruchten, die op een kaasje lijken. Malva komt van het Griekse malacos (zacht), omdat de Malva's een verzachtend slijm bevatten. Alcea komt van het Griekse alkŤ (hulp of verdediging).

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Bloeimaanden: Juni, juli, augustus en september.

Afmeting: 50-100 cm.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Wortels


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Stengels: De rechtopstaande stengels zijn behaard en bossig vertakt.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Bladeren: De bladeren zijn afgerond hartvormig, diep vijflobbig, behaard en getand. De bovenste bladeren zijn dieper ingesneden en hebben smallere slippen.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Bloemen: Tweeslachtig. De bloemen groeien afzonderlijk in de bovenste bladoksels. Ze zijn helderroze en 3Ĺ-6 cm groot. Ze verspreiden geen geur. De drie bijkelkbladen zijn eivormig, aan de voet verbreed en 3-5 mm lang.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Vruchten: Een splitvrucht. De deelvruchtjes zijn kaal of behaard en zwak geribd. Tweezaadlobbig.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Biotoop

Bodem: Zonnige, soms heel licht beschaduwde plaatsen op vochtige, matig voedselrijke tot voedselrijke, vaak omgewerkte grond en op stenige plaatsen.

Groeiplaatsen: Dijken (rivieren en kanalen), bermen (ruige plaatsen), langs spoorwegen (spoorbermen), ruderale plaatsen, ruigten (humeuze ruigten), heggen, struwelen, stortterreinen en ruÔnes.

Verspreiding

Wereld: Zuid- en Midden-Europa, van Zuid-ItaliŽ en het noorden van de Balkan tot in het Oostzeegebied. Ingeburgerd elders in Europa en in het oosten van Noord-Amerika.

Nederland: Vrij zeldzaam. Toegenomen.

Vlaanderen: Vrij zeldzaam.
WalloniŽ:
Zeldzaam. Het meest in Lotharingen en het Maasdal.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 12, Jan Kops, P. M. E. Gevers Deijnoot en F. A. Hartsen (1865)


Afbeeldingen der artseny-gewassen met derzelver Nederduitsche en Latynsche beschryvingen. Deel 3 (1796)


Cruijdeboek, deel 5, Rembert Dodoens. Cruyden, wortelen ende vruchten, diemen in die spijse ghebruyckt (1554)


Kršuterbuch, Unsere Heilpflanzen in Wort und Bild, Friedrich Losch (1914)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)


Bilder ur Nordens Flora, Carl Axel Magnus Lindman (1917-1926)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL