Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Vijfvingerkruid - Potentilla reptans

Frysk: HantsjeblÍd

English: Creeping Cinquefoil

FranÁais: Potentille rampante

Deutsch: Kriechendes Fingerkraut

Synoniemen:

Familie: Rosaceae (Rozenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Potentilla komt van het Latijnse woord potens (krachtig). Dit vanwege de geneeskrachtige werking. Reptans betekent kruipend.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Hoofdbloei: Mei t/m augustus.

Afmeting: 10-20 cm, maar soms tot 1 meter lang.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Wortels


kuleuven-kulak.be/bioweb


Neuch‚tel Herbarium -
CC BY-SA 3.0


Neuch‚tel Herbarium -
CC BY-SA 3.0


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk -
CC-BY-NC-SA-2.0 uk

Stengels: De kruipende, gedraaide stengels ziijn vaak roodachtig Ze zijn verspreid behaard en wortelen op de knopen.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Bladeren: De verspreidstaande, lang gesteelde bladen zijn handvormig, meestal vijftallig, maar voor een deel ook wel zeventallig. Deelblaadjes met de grootste breedte boven het midden. Bovenaan zijn ze afgerond, vrij stevig en met ondiepe, niet toegespitste zaagtanden. De steunblaadjes van de stengelbladen zijn niet gedeeld.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Bloemen: Tweeslachtig. De alleenstaande, gele bloemen groeien in de bladoksels. Ze zijn 1-2,5 cm en vijftallig, zelden viertallig. De kroonbladen zijn 7-12 mm lang. Een brede bloembodem met vijf kroonbladen zonder oranje vlek, vijf kelkbladen en vijf bijkelkblaadjes die niet zijn gedeeld. De kelk is na de bloei maar weinig vergroot. Een bloem heeft verder vele meeldraden en eveneens vele bovenstandige vruchtbeginsels met een stijl en stempel.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Vruchten: Een eenzadige dopvrucht of nootje. De niet rood wordende vruchten zijn nauwelijks verdikt. De zaden zijn kortlevend (1-5 jaar). Tweezaadlobbig.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Zonnige, zelden licht beschaduwde, vaak iets open en verstoorde plaatsen op vochtige, soms vrij droge, matig voedselrijke tot voedselrijke, zwak zure tot kalkhoudende, vaak wat verdichte grond. Ze is bestand tegen betreding. Ook op iets brakke bodem (zand, leem, zavel, lŲss, mergel, klei en stenige plaatsen).

Groeiplaatsen: Grasland (o.a. grasvelden en uiterwaarden), bermen, dijken (beweide plaatsen), ruigten, akkers, hellingen, bossen (langs bospaden), heggen, braakliggende grond, afbrokkelende muren, puin, steenglooiingen, langs spoorwegen (spoorwegterreinen en spoorbermen), waterkanten (slootkanten en rivierkribben) en zeeduinen (duinvalleien en binnenduinweiland).

Verspreiding

Wereld: Oorspronkelijk uit gebieden met een gematigd klimaat in Europa, AziŽ en Noordwest-Afrika. Elders ingeburgerd.

Nederland: Algemeen.

Vlaanderen: Algemeen.
WalloniŽ:
Algemeen.

Wetenswaardigheden

Men zag in de vijftallige blaadjes en bloemen een symbool voor de vijf wonden van Christus. De plant werd vaak afgebeeld in houtsnijwerk in kerken en men hing kransen van vijfvingerkruid boven de deur om heksen te weren.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, Jan Kops. Deel 1 (1800)
Flora Batava, deel 8, Jan Kops en Herman Christiaan van Hall (1844)


Afbeeldingen der artseny-gewassen met derzelver Nederduitsche en Latynsche beschryvingen, deel 4, Johann Carl Krauss (1800)


Groot geel Vijfvinghercruyt
Cruijdeboek, deel 1, Rembert Dodoens. Gheslacht, onderscheet, fatsoen, naemen, cracht ende werckinghe (1554)


Deutschlands Flora in Abbildungen, Jacob Sturm und Johann Georg Sturm


Taschenbuch zum Pflanzenbestimmen, Prof. Dr Paul Graebner (1918)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)


Flora von Deutschland, ÷sterreich und der Schweiz, Prof. Dr. Otto Wilhelm Thomť (1885-1905)


Kršuterbuch, Unsere Heilpflanzen in Wort und Bild, Friedrich Losch (1914)


Bilder ur Nordens Flora, Carl Axel Magnus Lindman (1917-1926)


Illustrations of the British Flora, Walter Hood Fitch (1924)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL