Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Viltroos - Rosa tomentosa

Andere namen

Frysk: Rankroas

English: Harsh Downy-rose

FranÁais: Rosier tomenteux

Deutsch: Filz-Rose

Verouderde of andere namen: Echte bottelroos, Rosa villosa

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Rosales

Familie: Rosaceae (Rozenfamilie)

Geslacht: Rosa (Roos)

Soort: Rosa tomentosa

Naamgeving (Etymologie): Rosa is het Latijnse woord voor roos. De naam komt komt via het Griekse rodon van het Oudperzische wurdo, waar het doornstruik betekende. Tomentosa betekent viltig.

Opmerking: Viltroos was voor 2003 samengevoegd met Bottelroos onder de naam Rosa villosa (Viltroos of Bottelroos).

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Struik.

Winterknoppen: Fanerofyt.

Bloeimaanden: Juni en juli.

Afmeting: 80-200 cm.


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Meneerke bloem - CC BY-SA 3.0

Takken: Takken met zwak gebogen, vrij slanke en alleen aan de voet verbrede stekels.

Bladeren: Aan bloeiende takken zijn de bladeren voor het grootste deel zeventallig, maar ook wel vijftallig, met vrij grote, eivormige tot langwerpige, dubbel gezaagde, tot 4 cm lange deelblaadjes. Ze zijn zacht behaard en van onderen grijsachtig viltig. De steunblaadjes hebben korte, driehoekige, afstaande oortjes.


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk - CC-BY-NC-SA-2.0 uk


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk - CC-BY-NC-SA-2.0 uk

Bloemen: Tweeslachtig. De ongeveer 4 cm grote bloemen zijn lichtroze of wit. De kelkbladen zijn afstaand tot teruggebogen en met een spatelvormig uitgetrokken top. Na de bloei vallen deze spoedig af.


© Hans Hillewaert - CC BY-SA 3.0


Meneerke bloem - CC BY-SA 3.0


BerndH - CC BY-SA 3.0


HuHu - Public Domain

Vruchten: Een vlezige schijnvrucht. De 1-2 cm grote bottels zijn eivormig, oranjerood tot vuurrood met talrijke gesteelde klieren en vaak met meer dan 3 cm lange stelen. Tweezaadlobbig.


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk - CC-BY-NC-SA-2.0 uk


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk - CC-BY-NC-SA-2.0 uk


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk - CC-BY-NC-SA-2.0 uk


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0

Biotoop

Bodem: Zonnige tot half beschaduwde plaatsen op droge tot matig vochtige, matig voedselarme tot matig voedselrijke, meestal kalkhoudende grond (mergel, lŲss, leem, lemig zand, zavel, duinzand, klei en schelpkalk).

Groeiplaatsen: Bossen (open plekken in loofbossen), bosranden, heggen, struwelen, langs spoorwegen (spoordijken en spoorwegterreinen), langs holle wegen, afgravingen en zeeduinen (duinstruwelen).

Verspreiding

Wereld: Europa, noordelijk tot in Zuid-ScandinaviŽ.


gbif.org

Nederland: Vrij algemeen in Zuid-Limburg. Elders zeldzaam.
Rode lijst 2012. Bedreigd. Trend sinds 1950: sterk afgenomen. Zeldzaam. Oorspronkelijk inheems.


verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Vrij zeldzaam. Het meest in de Leemstreek en in de Duinen.
Rode lijst. Vrij zeldzaam.


WalloniŽ: Vrij zeldzaam in Brabant, in het Maasgebied en in de Ardennen. Elders zeldzaam tot zeer zeldzaam.
Rode lijst. Bedreigd. Beschermd.

© 2001-2018 K.M. Dijkstra