Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Vogelnestje - Neottia nidus-avis

Frysk:

English: Bird's Nest Orchid

FranÁais: Nťottie nid d'oiseau

Deutsch: Vogelnestwurz

Synoniemen:

Familie: Orchidaceae (OrchideeŽnfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Neottia is Grieks en betekent vogelnest. Het is afgeleid van neottos (pas geboren), naar de vorm van de wortelstok met de daaraan zittende delen. Nidus avis betekent eveneens vogelnest.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Parasiet of eigenlijk een epiparasiet. Vogelnestje leeft in symbiose met schimmels.

Winterknoppen: Geofyt .

Hoofdbloei: Mei en juni.

Afmeting: 20-45 cm.


© Edwin de Weerd - verspreidingsatlas.nl


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


Bartosz Cuber -
CC BY-SA 3.0


Joachim Lutz -
CC BY-SA 3.0

Wortels: De wortelstok is kort met vele dikke, vlezige, vogelnestachtig gerangschikte wortels en soms ook met knopvorming, waardoor de plant zich kan vermeigvuldigen. De wortelstok ligt zijwaarts van de stengelvoet.


Neuch‚tel Herbarium -
CC BY-SA 3.0


Neuch‚tel Herbarium -
CC BY-SA 3.0


Neuch‚tel Herbarium -
CC BY-SA 3.0


Neuch‚tel Herbarium -
CC BY-SA 3.0

Stengels: De rechtopstaande stengels zijn vrij dik, geelwit tot glanzig bruin, kaal of naar boven toe beklierd.


Ivar Leidus -
CC BY-SA 3.0


Bernd Haynold -
CC BY 2.5


JŲrg Hempel -
CC BY-SA 3.0 de


Biodehio -
CC BY-SA 4.0

Bladeren: De bladen hebben geen bladgroen. De vier of vijf aanliggende, lancetvormige bladen zijn schubvormig.


Bartosz Cuber -
CC BY-SA 3.0


Joachim Lutz -
CC BY-SA 3.0


Bernd Haynold -
CC BY-SA 3.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 3.0

Bloemen: Tweeslachtig. De schutbladen zijn lijn- lancetvormig, toegespitst en half zo lang zijn als het vruchtbeginsel. De vele bloemen vormen samen een aarvormige tros. De onderste bloemen staan vrij ver uiteen. De naar honing ruikende bloemen zijn geelbruin of soms geel- of witachtig. De lip is 0,8-1,2 cm, vaak grijsbruin, tweelobbig met uiteenwijkende lobben en niet gespoord. De bloemdekbladen zijn 4-6 mm lang en helmvormig samengebogen. Het vruchtbeginsel is eirond, kaal, klierachtig en zit op een kort, gedraaid steeltje.


© John Breugelmans - verspreidingsatlas.nl


© Edwin de Weerd - verspreidingsatlas.nl


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl

Vruchten: Een doosvrucht. Eenzaadlobbig.


© Edwin de Weerd - verspreidingsatlas.nl


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant -
CC BY-SA 4.0


Kristian Peters -
CC BY-SA 3.0


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Beschaduwde plaatsen op vochtige, voedselarme, neutrale tot basische, kalkhoudende, humeuze grond met een niet te dikke strooisellaag en een niet te dichte ondergroei. Groeiend op rottend hout (mergel, leem, zavel en duinzand).

Groeiplaatsen: Bossen (kalkrijke loofbossen en naaldbossen en langs bospaden), zeeduinen, grasland (beschaduwd weiland) en afgravingen (op wanden van kuilen waar mergel of leem gedolven is).

Verspreiding

Wereld: West-AziŽ en na een onderbreking weer in Oost-AziŽ en bijna heel Europa. Noordelijk tot in Midden-ScandinaviŽ (in Noorwegen zelfs op ťťn plaats ten noorden van de poolcirkel).

Nederland: Zeer zeldzaam in Zuid-Limburg, in de Achterhoek en in de duinen bij Bergen.

Vlaanderen: Zeer zeldzaam in de Leemstreek en de Voerstreek.
WalloniŽ:
Vrij zeldzaam.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 17, Jan Kops en F.W. van Eeden (1885)


Margendrehen
Cruijdeboek, deel 2, Rembert Dodoens. Bloemen, welrieckende cruyden, saden, ende dyer ghelijcken (1554)


Flora von Deutschland, ÷sterreich und der Schweiz, Prof. Dr. Otto Wilhelm Thomť (1885-1905)


Die Orchidaceen Deutschlands, Deutsch-Oesterreichs und der Schweiz, M. Schulze (1894)


Illustrations of the British Flora, Walter Hood Fitch (1924)


Bilder ur Nordens Flora, Carl Axel Magnus Lindman (1917-1926)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL