Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Vreemd speenkruid - Ficaria ambigua

Frysk:

English: Large-flowered Celandine

FranÁais: Ficaire fausse renoncule

Deutsch:

Synoniemen: Ficaria verna subsp. grandiflora, Ficaria verna subsp. fertilis, Ficaria verna subsp. ficariiformis, Ranunculus ficaria subsp. fertilis, Ranunculus ficaria subsp. ficaria.

Familie: Ranunculaceae (Ranonkelfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Ficaria is afgeleid van het Latijnse woord Ficus (Vijg), vanwege de vorm van de wortelknolletjes. Ambigua betekent twijfelachtig of onzeker.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Geofyt.

Bloeimaanden: Januari, februari en maart.

Afmeting: 5-30 cm, maar wel wat forser dan Gewoon speenkruid.


Alain Bigou - CC BY-SA 2.0 FR


Liliane Roubaudi - CC BY-SA 2.0 FR


Jeannette Teunissen - CC BY-NC-ND 4.0


Antoon en Marjan - CC BY-NC-ND 4.0

Wortels: De wortels zijn voor een deel spoelvormig of knotsvormig verdikt.


Liliane Roubaudi - CC BY-SA 2.0 FR


gbif.org - CC BY 4.0


gbif.org - CC BY 4.0


gbif.org - CC BY 4.0

Stengels: De holle stengel is liggend of rechtopstaand. Tijdens de bloei staat de plant rechtop.


Jean-Marie Pagnier - CC BY-SA 2.0 FR


Ruud van Middelkoop - CC BY-NC-ND 4.0


Antoon en Marjan - CC BY-NC-ND 4.0


Antoon en Marjan - CC BY-NC-ND 4.0

Bladeren: Er zijn geen okselknolletjes, maar na de bloei zitten er aan de voet van de stengel wel knolletjes. De glanzende rondachtige tot hart- of niervormige bladeren hebben een lange bladsteel. Soms zijn ze hoekig handvormig met een gave tot bochtig gekartelde rand.


Alain Bigou - CC BY-SA 2.0 FR


Liliane Roubaudi - CC BY-SA 2.0 FR


Jeannette Teunissen - CC BY-NC-ND 4.0


Jeannette Teunissen - CC BY-NC-ND 4.0

Bloemen: Tweeslachtig. De gele bloemen zijn 2-4 cm groot en hebben 8-12, brede, elkaar met de randen bedekkende, 10-20 mm lange en 4-9 mm brede kroonbladen. Het vruchtbeginse lis bovenstandig.


Jean-Marie Pagnier - CC BY-SA 2.0 FR


Jean-Marie Pagnier - CC BY-SA 2.0 FR


Antoon en Marjan - CC BY-NC-ND 4.0


Ruud van Middelkoop - CC BY-NC-ND 4.0

Vruchten: Een eenzadige dopvrucht of nootje. Vreemd speenkruid heeft normale, goed ontwikkelde vruchten, die niet gesnaveldz ijn. De vrucht is 2,5-3,5 mm lang en 1,7-2,2 mm breed en is begroeid met korte haren. De zaden zijn zeer kortlevend (korter dan ťťn jaar). Tweezaadlobbig.


Antoon en Marjan - CC BY-NC-ND 4.0

Biotoop

Bodem: Zonnige tot beschaduwde, stikstofrijke, zwak zure tot zwak basische, vochtige tot vrij natte, matig voedselrijke tot voedselrijke bodems, vaak lemige tot licht kleiige grond.

Groeiplaatsen: Loofbossen, rivier-begeleidende bossen, beekdalbossen, hellingbossen, binnenduinbossen, parkbossen, bosranden, heggen, bermen, waterkanten, greppels, tuinen, plantsoenen, grasland, beschaduwde gazons en aan de voet van kleiige dijken.

Verspreiding

Wereld: Oorspronkelijk uit Zuid-Europa.

Nederland: Voor het eerst gevonden op Texel (na 1900). Nu ook op andere plaatsen. Ingevoerd met bollen. Nog niet ingeburgerd.

Vlaanderen: Zeer zeldzaam verwilderd.
WalloniŽ:
Zeer zeldzaam verwilderd.

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL