Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Weegbreezonnebloem - Doronicum plantagineum

Andere namen

Frysk: Weversblêd-sinneblom

English: Plantain-leaved Leopard's Bane

Français: Doronic à feuilles de Plantain

Deutsch: Wegerich-Gämswurz

Verouderde of andere namen: Bastaarddoronicum, Lytse sinneblom

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Asterales

Familie: Asteraceae (Composietenfamilie)

Geslacht: Doronicum (Voorjaarszonnebloem)

Soort: Doronicum plantagineum

Naamgeving (Etymologie): Doronicum hangt mogelijk samen met het Arabische woord: doronigi, waarmee een giftige plant werd aangeduid, maar volgens anderen is het een verbastering van Dorycnium, een geslacht van vlinderbloemigen, waarvan het melksap gebruikt werd om speerpunten te vergiftigen (van dory is speer en knaoo is inwrijven). Pardalianches betekent panterwurgend.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Geofyt.

Bloeimaanden: Mei en juni.

Afmeting: 30-90 cm.


Emmanuel Stratmains - CC BY-SA 2.0 FR


Salicyna - CC BY-SA 4.0


© Bert Meulenbeld - waarneming.nl


© Bert Meulenbeld - waarneming.nl

Wortels: Verdikte horizontale wortels met uitlopers.


http://herbariaunited.org


http://herbariaunited.org


http://herbariaunited.org


europeana.eu - CC BY-SA 3.0

Stengels: De voet van de stengel is vrijwel onbehaard. Bovenaan zijn de stengels wel behaard. Weegbreezonnebloem groeit in groepen.


Emmanuel Stratmains - CC BY-SA 2.0 FR


Emmanuel Stratmains - CC BY-SA 2.0 FR


Emmanuel Stratmains - CC BY-SA 2.0 FR


Salicyna - CC BY-SA 4.0

Bladeren: De rozetbladen zijn eirond-elliptisch, in een lange steel versmald, niet of ondiep getand en ze hebben een afgeknotte of soms iets wigvormige of zwak hartvormige voet. De zittende, stengelomvattende stengelbladen zijn eirond tot langwerpig.


© Koen van Zoest - verspreidingsatlas.nl


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


Salicyna - CC BY-SA 4.0

Bloemen: Polygaam. De bloemhoofdjes staan meestal alleen, maar soms ook met twee of drie bij elkaar. De heldergele hoofdjes zijn 5-8 cm groot. De omwindselbladen zijn lijnvormig-langwerpig en hebben een behaarde rand. De bloemhoofdjesbodem is weinig behaard.


Michael Inden - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Thierry Pernot - CC BY-SA 2.0 FR


Thierry Pernot - CC BY-SA 2.0 FR


Emmanuel Stratmains - CC BY-SA 2.0 FR

Vruchten: Een eenzadige dopvrucht of nootje. Tweezaadlobbig.


Salicyna - CC BY-SA 4.0


Salicyna - CC BY-SA 4.0


Salicyna - CC BY-SA 4.0


dzn.eldoc.ub.rug.nl

Biotoop

Bodem: Licht beschaduwde plaatsen op vochtige, matig voedselrijke, vaak kalkhoudende, humeuze grond (vrijwel alle grondsoorten, behalve veen).

Groeiplaatsen: Bossen (o.a. landgoedbossen), bosranden en lanen.

Verspreiding

Wereld: Zuidwest-Europa. Oorspronkelijk noordelijk tot in Noord-Frankrijk. Ingeburgerd in noordelijker streken.


gbif.org

Nederland: Zeldzaam in de Hollandse en Zeeuwse duinen en langs de Utrechtse Vecht. Elders zeer zeldzaam.
Rode lijst 2012. Thans niet bedreigd. Trend sinds 1950: stabiel of toegenomen. Zeldzaam. Ingeburgerd in de 19de eeuw.


verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Niet in Vlaanderen.

Wallonië: Zeer zeldzaam in het grensgebied met Frankrijk.

© 2001-2018 K.M. Dijkstra