Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Weidegeelster - Gagea pratensis

Andere namen

Frysk:

English: Meadow Gagea

Français: Gagée des prés

Deutsch: Wiesengelbstern

Verouderde of andere namen:

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Liliales

Familie: Liliaceae (Leliefamilie)

Geslacht: Gagea (Geelster)

Soort: Gagea pratensis

Naamgeving (Etymologie): Gagea is vernoemd naar Thomas Gage, een Engelse botanicus (1781-1820). Pratensis betekent in weiden groeiend.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Geofyt.

Bloeimaanden: Maart en april.

Afmeting: 5-20 cm.


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


AfroBrazilian - CC BY-SA 3.0


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


© Jelle Hofstra - verspreidingsatlas.nl

Wortels: Een spoelvormige, vrijwel horizontale bol met twee afstaande, knotsvormige, naakte, witte nevenbollen.


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


Jan Eckstein - CC BY-SA 3.0

Stengels: Rechtopstaande bloeistengels.


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


Jean-Jacques Houdré - CC BY-SA 2.0 FR


Jean-Jacques Houdré - CC BY-SA 2.0 FR


Daniela Longo - CC BY-NC-ND 4.0

Bladeren: Een alleenstaand, grondstandig blad. De bladvoet is iets rood. Het blad is breed-lijnvormig, vlak en wordt 2-7 mm breed. De twee stengelbladen staan tegenover elkaar. Ze zijn langwerpig. De bladrand is behaard. Vaak zit er een kleine bol in de bladoksel.


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


Petr Filippov - CC BY-SA 3.0


© Han Beeuwkes - verspreidingsatlas.nl

Bloemen: Tweeslachtig. Een scherm met één tot soms zes bij elkaar staande, gele of soms iets groen aangelopen bloemen van 2-3 cm. De bloemdekbladen hebben meestal een min of meer spitse top.


B.Preuschhof - CC BY-SA 3.0


Olivier Pichard - CC BY-SA 3.0


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0

Vruchten: Een doosvrucht. Er ontstaan echter slechts zeer zelden zaden in onze omgeving. Eenzaadlobbig.


dzn.eldoc.ub.rug.nl

Biotoop

Bodem: Zonnige tot licht beschaduwde plaatsen op droge tot matig vochtige, matig voedselrijke, vaak enigszins bemeste en omgewerkte, neutrale tot kalkhoudende en humushoudende, vaak enigszins bemeste grond (zand, maar soms op lichte rivierklei).

Groeiplaatsen: Bermen, grasland (o.a. beschaduwde grasvelden), akkers (vroeger in graanakkers), tuinen, begraafplaatsen, heggen, aan de voet van rivierdijken, op glooiingen van zandkoppen in uiterwaarden, rivierduinen (rivierduinbosjes) en zeeduinen (binnenduinrand).

Verspreiding

Wereld: Midden- en Zuidoost-Europa en het Oostzeegebied.


gbif.org

Nederland: Vrij zeldzaam in het rivierengebied, vooral langs de Gelderse IJssel en in het midden van het land en zeldzaam aan de Hollandse binnenduinrand tussen Castricum en Wassenaar en in het oosten van het land.
Rode lijst 2012. Thans niet bedreigd. Trend sinds 1950: stabiel of toegenomen. Zeldzaam. Oorspronkelijk inheems.


verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Zeer zeldzaam. Voor de eerste maal gevonden in 1998.
Rode lijst. Met verdwijning bedreigd.


Wallonië: Niet in Wallonië.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 10, Jan Kops en Johannes Everhardus van der Trappen (1849)


Flora Batava, deel 10, Jan Kops en Johannes Everhardus van der Trappen (1849)


Deutschlands Flora in Abbildungen, Jacob Sturm und Johann Georg Sturm


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)

© 2001-2018 K.M. Dijkstra