Wilde planten in Nederland en België

Weidekervel-torkruid - Oenanthe silaifolia

Frysk:

English: Narrow-leaved Water Dropwort

Français: Oenanthe à feuilles de Silaüs

Deutsch: Silgblättriger Wasserfenchel

Synoniemen: Oenanthe peucedanifolia, Kerveltorkruid

Familie: Apiaceae (Schermbloemenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Oenanthe komt van het Griekse oinè (wijnstok) en anthè (bloem), omdat de geur van de bloemen met die van de bloemen van de druif overeenkomt. Silaifolia betekent bladen als Silaus (zie bij Weidekervel).

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Hoofdbloei: Mei t/m juli(-augustus).

Afmeting: 30-60(-80) cm.


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk -
cc by-nc-sa-2.0 uk


kuleuven-kulak.be/bioweb


kuleuven-kulak.be/bioweb


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk -
cc by-nc-sa-2.0 uk

Wortels: Verdikte, raapvormige wortels.


kuleuven-kulak.be/bioweb


herbariaunited.org


herbariaunited.org


herbariaunited.org

Stengels: De rechtopstaande stengels zijn weinig vertakt, gegroefd en hol.


kuleuven-kulak.be/bioweb


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk -
cc by-nc-sa-2.0 uk


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk -
cc by-nc-sa-2.0 uk


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk -
cc by-nc-sa-2.0 uk

Bladeren: De onderste bladen zijn twee- tot viervoudig geveerd met lijnvormige-langwerpige bladslippen. Ze verdorren snel. De stengelbladen zijn één- tot tweevoudig geveerd.


kuleuven-kulak.be/bioweb


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk -
cc by-nc-sa-2.0 uk


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
cc by-sa 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
cc by-sa 4.0

Bloemen: Tweeslachtig. De bloemschermen staan aan het eind van de stengel. Ze hebben vier tot acht(-tien) stralen. De bloemen zijn wit of soms roze en 3 mm groot. De duidelijk ongelijke kroonbladen zijn tot op 1/3 deel tweelobbig. De randbloemen zijn stralend. Er zijn geen omwindselbladen of er is er één. De omwindseltjes zijn korter dan de bloemsteel. De bloemstelen zijn na de bloei verdikt (0,4-0,6 mm breed).


kuleuven-kulak.be/bioweb


kuleuven-kulak.be/bioweb


kuleuven-kulak.be/bioweb


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk -
cc by-nc-sa-2.0 uk

Vruchten en zaden: De splitvruchten zijn 2½-4 mm. De uitstaande stijlen zijn vrijwel even lang als de vrucht. De vruchtsteel is aan de top ingesnoerd, verdikt en 0,4 tot 0,6 mm breed. Tweezaadlobbig.


kuleuven-kulak.be/bioweb


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
cc by-sa 4.0


Liliane Roubaudi -
cc by-sa-2.0 fr


©2006 Digital Plant Atlas -
cc by-nc-sa 3.0 nl

Biotoop

Bodem: Zonnige plaatsen op vochtige, matig voedselrijke, vaak licht bemeste, zwak zure, vaak kalkarme grond (klei en veen).

Groeiplaatsen: Uiterwaarden in het zoetwatergetijdengebied, waterkanten (rivieroevers) en grasland (weiland en hooiland).

Verspreiding

Wereld: Zuidwest-Azië, Noord-Afrika en Zuid- en Zuidwest-Europa. Noordelijk tot in België, Zuid-Nederland en Groot-Brittannië.

Nederland: Zeer zeldzaam langs de Maas in Limburg. Zeer sterk afgenomen.

Vlaanderen: Zeer zeldzaam in het stroomgebied van de IJzer in West-Vlaanderen. Zeer sterk afgenomen.
Wallonië:
Verdwenen. Vroeger zeer zeldzaam. Inheems.

2001-2022 K.M. Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl