Wilde planten in Nederland en België

Welriekende nachtorchis - Platanthera bifolia

Frysk: Rûkende kaaiblom

English: Lesser Butterfly-Orchid

Français: Platanthère à deux feuilles

Deutsch: Weiße Waldhyazinthe

Synoniemen: Platanthera bifolia subsp. bifolia, Orchis bifolia

Familie: Orchidaceae (Orchideeënfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Platanthera komt van het Griekse platus (breed) en anthera (helmknop), vanwege de brede helmknop. Bifolia betekent tweebladig.

Ondersoorten: Vroeger werd Bergnachtorchis (zie daar) beschouwd als een een ondersoort van Welriekende nachtorchis (Platanthera bifolia subsp. latifolia).

Kruising: Platanthera bifolia kan een bastaard vormen met Bergnachtorchis (Platanthera chlorantha).

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Geofyt.

Bloeimaanden: Juni en juli.

Afmeting: 20-50 cm.


© Edwin de Weerd - verspreidingsatlas.nl


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Hajotthu -
CC BY 3.0


Algirdas -
CC BY-SA 3.0

Wortels


Neuchâtel Herbarium -
CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium -
CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium -
CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium -
CC BY-SA 3.0

Stengels: Een rechtopstaande bloemsteel.


kuleuven-kulak.be/bioweb


Hajotthu -
CC BY 3.0


Joachim Lutz -
CC BY-SA 4.0


Bff -
CC BY-SA 3.0

Bladeren: De twee wortelbladen zijn langwerpig tot elliptisch. Ze staan bijna tegenover elkaar en zijn 5-15 cm lang en 2-5 cm breed. De bovenste twee tot vijf bladen zijn veel kleiner en lijnvormig-langwerpig.


kuleuven-kulak.be/bioweb


kuleuven-kulak.be/bioweb


Enrico Blasutto -
CC BY-SA 3.0


Bff -
CC BY-SA 3.0

Bloemen: Tweeslachtig. De aar is losbloemig en 5-15 cm lang. De bloemen zijn wit en vooral op de lip iets groen aangelopen. Ze verspreiden een zoete geur, zowel 's nachts als overdag. De hangende lip is 0,8-1,2 cm en smal langwerpig. De buitenste drie bloembladen zijn langwerpig en staan af. De binnenste twee bloembladen zijn korter en smaller en staan naar boven gericht. De spoor is 2½-3 cm lang en twee tot drie keer zo lang als het vruchtbeginsel. Verder is de spoor draadvormig, spits en naar de top toe weinig verbreed. De helmhokken zijn recht en evenwijdig aan elkaar.


© Adrie van Heerden - verspreidingsatlas.nl


© Edwin de Weerd - verspreidingsatlas.nl


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


© Edwin de Weerd - verspreidingsatlas.nl

Vruchten: Een doosvrucht. Eenzaadlobbig.


Bff -
CC BY-SA 3.0


Bff -
CC BY-SA 3.0


Bff -
CC BY-SA 3.0


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Zonnige tot half beschaduwde plaatsen op vochtige tot vrij natte, matig voedselarme, niet bemeste, humusrijke, zwak zure tot kalkhoudende grond. Ook in zwak brak milieu (zand, leem, veen en mergel). Welriekende nachtorchis groeit op wat zuurdere grond dan Bergnachtorchis.

Groeiplaatsen: Heide (grazige plaatsen), grasland (blauwgrasland, schraal grasland, grasland op hoogveen en kalkgrasland), bermen, langs spoorwegen (spoorbermen), soms in bossen (open plaatsen), bosranden, struwelen, zeeduinen (duinvalleien) en waterkanten en moerassen (drassig rietland, trilveen, langs bronveentjes en vrij jong veenmosrietland).

Verspreiding

Wereld: Gematigde streken in Azië, Noordwest-Afrika en vrijwel heel Europa. Noordelijk tot 70° N.Br.

Nederland: Zeldzaam. Zeer sterk afgenomen.

Vlaanderen: Zeer zeldzaam. Sterk afgenomen.


Wallonië: Vrij zeldzaam in de Famenne en Lotharingen. Elders zeldzaam tot zeer zeldzaam.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 3, Jan Kops (1814)


Afbeeldingen der artseny-gewassen met derzelver Nederduitsche en Latynsche beschryvingen. Deel 4 (1800)


Ragwortel manneken
Cruijdeboek, deel 2, Rembert Dodoens. Bloemen, welrieckende cruyden, saden, ende dyer ghelijcken (1554)


Flora von Deutschland, Österreich und der Schweiz, Prof. Dr. Otto Wilhelm Thomé (1885-1905)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)


Bilder ur Nordens Flora, Carl Axel Magnus Lindman (1917-1926)

© 2001-2020 K.M. Dijkstra