Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Wilde dwergmispel - Cotoneaster integerrimus

Andere namen

Frysk:

English: Wild Cotoneaster

Français: Cotonéaster commun

Deutsch: Gewöhnliche Zwergmispel

Verouderde of andere namen: Cotoneaster vulgaris, Mespilus cotoneaster, Cotoneaster integerrima,
Bloedrode dwergmispel

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Rosales

Familie: Rosaceae (Rozenfamilie)

Geslacht: Cotoneaster (Dwergmispel)

Soort: Cotoneaster integerrimus

Naamgeving (Etymologie): Cotoneaster komt van Cotoneum (de naam die Plinius gaf aan de kwee) en aster (een verbastering van ad instar), gebruikt om een gelijkenis aan te duiden (lijkt op een kwee). Integerrimus betekent zeer gaaf of de gaafste.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Struik.

Winterknoppen: Fanerofyt.

Bloeimaanden: April, mei en juni.

Afmeting: Tot 2 meter.

Takken: De verspreidstaande takken zijn vrij bochtig. Jonge takken zijn behaard, maar later worden ze kaal.


Radio Tonreg - CC BY 2.0


Gilles San Martin - CC BY-SA 3.0


Lazaregagnidze - CC BY-SA 3.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0

Bladeren: De 2-5 cm lange, verspreidstaande bladeren zijn bijna rond tot eirond, maar aan lange takken zijn ze spitser. Van onderen zijn ze grijsviltig behaard. De bladtop is stomp tot spits. De bladeren zijn niet wintergroen. De bladsteel is 2-5 mm.

Bloemen: Tweeslachtig. Kort gesteelde schermen met één tot vijf wit met roze, 0,5-0,7 cm grote bloemen. Elke bloem heeft vijf kroonbladen en vijf kelkbladen van 0,2 cm, die aan de buitenkant kaal zijn.


Atriplexmedia - CC BY-SA 3.0


Atriplexmedia - CC BY-SA 3.0


Michel Pourchet - CC BY-SA 2.0 FR


Mathieu Menand - CC BY-SA 2.0 FR

Vruchten: Een steenvrucht. De hangende, bolvormige, 0,5-0,8 cm grote vruchten zijn rood. Tweezaadlobbig.


Isidre blanc - CC BY-SA 3.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


dzn.eldoc.ub.rug.nl

 

Biotoop

Bodem: Zonnige plaatsen op droge, kalkrijke, rotsachtige grond.

Groeiplaatsen: Bossen (lichte plaatsen), struwelen, kapvlakten, rotsen en andere stenige plaatsen.

Verspreiding

Wereld: Voornamelijk in het oosten van Midden- en Zuid-Europa. Noordelijk tot in Zuid-Scandinavië.


gbif.org

Nederland: Zeer zeldzaam.
Rode lijst 2012. Gevoelig. Trend sinds 1950: stabiel of toegenomen. Zeer zeldzaam. Ingeburgerd tussen 1950 en 1974.


verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Niet in Vlaanderen.

Wallonië: Zeldzaam in het zuidoosten.
Rode lijst. Kwetsbaar. Beschermd.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Deutschlands Flora in Abbildungen, Jacob Sturm und Johann Georg Sturm


Flora von Deutschland, Österreich und der Schweiz, Prof. Dr. Otto Wilhelm Thomé (1885-1905)


Bilder ur Nordens Flora, Carl Axel Magnus Lindman (1917-1926)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)

© 2001-2018 K.M. Dijkstra