Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Wild kattenkruid - Nepeta cataria

Frysk: KattekrŻd

English: Cat-mint

FranÁais: Herbe aux chats

Deutsch: GewŲhnliche Katzenminze

Synoniemen:

Familie: Lamiaceae (Lipbloemenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Nepeta is genoemd naar Nepet (vroeger Nepeta), een streek gelegen in EtruriŽ waar veel van deze planten zouden voorkomen. Cataria betekent kat.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Bloeimaanden: Juni, juli, augustus en september.

Afmeting: 45-100 cm.


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


kuleuven-kulak.be/bioweb


Andrey Zharkikh -
CC BY 2.0


Forest en Kim Starr -
CC BY 3.0

Wortels: Een wortelstok.


hasbrouck.asu.edu -
CC0-1.0


storage.idigbio.org -
CC BY-NC 3.0


storage.idigbio.org -
CC BY-NC 3.0


fm-digital-assets.fieldmuseum.org -
CC BY-NC 3.0

Stengels: De rechtopstaande stengels zijn tot aan de voet viltig behaard.


kuleuven-kulak.be/bioweb


kuleuven-kulak.be/bioweb


kuleuven-kulak.be/bioweb


Matt Lavin -
CC BY-SA 2.0

Bladeren: De grijsviltige, getande bladeren zijn eirond en hebben vaak een hartvormige voet. Ze zijn gesteeld en verspreiden een sterke geur.


kuleuven-kulak.be/bioweb


kuleuven-kulak.be/bioweb


kuleuven-kulak.be/bioweb


flickr.com/photos/calliope/ -
CC BY 2.0

Bloemen: Tweeslachtig. De schijnkransen groeien in de bladoksels in vrij dichte, onderaan onderbroken aren. De bloemen zijn wit, van binnen rood gestippeld en 0,7-1 cm lang. De onderlip heeft korte zijslipjes en een waaiervormige middenslip. Bij de ingang van de kroon draagt de onderlip een haarkwastje. De kelktanden zijn recht.


© Maarten Langbroek - verspreidingsatlas.nl


kuleuven-kulak.be/bioweb


kuleuven-kulak.be/bioweb


kuleuven-kulak.be/bioweb

Vruchten: Een splitvrucht. Tweezaadlobbig.


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante - CC BY-SA 4.0


Giorgio Faggi -
CC BY-NC-ND 4.0


Giorgio Faggi -
CC BY-NC-ND 4.0


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Zonnige tot licht beschaduwde, open plaatsen op droge, matig voedselarme tot matig voedselrijke, stikstofrijke en kalkrijke, dikwijls verstoorde of oppervlakkig bewerkte grond (duinzand, mergel en stenige plaatsen).

Groeiplaatsen: Zeeduinen (o.a. langs vlierbosjes in de binnenduinen), ruigten (kalkrijke ruigten), bermen, langs holle wegen, dijken, tegen muren, bosranden, struwelen aan de voet van steile mergelhellingen, hakhoutsingels, heggen, ruderale plaatsen, puinhopen, bij ruÔnes en begraafplaatsen, omgewerkte grond en rotsachtige plaatsen.

Verspreiding

Wereld: Oorspronkelijk uit West-AziŽ en Oost- en Zuid-Europa. Nu in alle werelddelen, in gebieden met een gematigd klimaat.

Nederland: Zeldzaam. Het meest in de Hollandse duinen. Afgenomen.

Vlaanderen: Zeldzaam.
WalloniŽ:
Zeer zeldzaam.

Wetenswaardigheden

Vroeger was Wild kattenruid ook als medicinaal kruid in cultuur.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 4, Jan Kops (1822)


Afbeeldingen der artseny-gewassen met derzelver Nederduitsche en Latynsche beschryvingen. Deel 3 (1796)


Cattecruyt
Cruijdeboek, deel 2, Rembert Dodoens. Bloemen, welrieckende cruyden, saden, ende dyer ghelijcken (1554)


Deutschlands Flora in Abbildungen, Jacob Sturm und Johann Georg Sturm


Illustrations of the British Flora, Walter Hood Fitch (1924)


Bilder ur Nordens Flora, Carl Axel Magnus Lindman (1917-1926)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL