Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Winterpostelein - Claytonia perfoliata

Andere namen

Frysk: Winterposlein

English: Spring Beauty

Français: Claytonie perfoliée

Deutsch: Gewöhnliches Tellerkraut

Verouderde of andere namen: Montia perfoliata, Witte winterpostelein

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Caryophyllales

Familie: Portulacaceae (Posteleinfamilie)

Geslacht: Claytonia (Winterpostelein)

Soort: Claytonia perfoliata

Naamgeving (Etymologie): Claytonia is genoemd naar John Clayton (1694–1773), die in Amerika veel planten verzamelde. Perfoliata is afgeleid van de Latijnse woorden per (door) en folium (blad), met bladen, waarbij de steel schijnbaar door het blad is gegroeid.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Eenjarig.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Therofyt.

Bloeimaanden: April, mei en juni.

Afmeting: 10-20 cm.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL

Wortels


usuherbarium.usu.edu - CC0-1.0


db.herbarium.arizona.edu - CC BY-NC 3.0


hasbrouck.asu.edu - CC BY-NC 3.0


sweetgum.nybg.org - CC BY-NC 3.0

Stengels: De rechtopstaande, kale, gladde en ietwat vlezige stengels zijn lichtgroen of rood aangelopen. Vaak groeien de planten in groepen.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


kuleuven-kulak.be

Bladeren: De langgesteelde rozetbladen zijn ruitvormig tot eirond. Het bladpaar onder de bloeiwijze is helemaal vergroeid (als een schoteltje).


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL

Bloemen: Tweeslachtig. De bloeiwijzen vind je boven de schotelvormige bladen. Ze zijn eerst opgerold, maar later strekken ze zich zodat de bloeiende bloemen steeds bovenaan staan. De vijf 2-3 mm grote kroonbladen zijn wit en met een ronde top of ze zijn iets ingesneden. Er zijn vijf meeldraden en twee stijlen.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


kuleuven-kulak.be

Vruchten: Een driedelige doosvrucht. Zaden met een mierenbroodje. Tweezaadlobbig.


kuleuven-kulak.be


dzn.eldoc.ub.rug.nl


dzn.eldoc.ub.rug.nl

 

Biotoop

Bodem: Licht beschaduwde, open plaatsen op droge, matig voedselrijke tot voedselrijke, meestal stikstofrijke, humusrijke, al of niet kalkrijke zandgrond.

Groeiplaatsen: Bossen (parkbossen), struwelen (zomen), onder laanbomen, kwekerijen, begraafplaatsen, plantsoenen, tuinen en zeeduinen (struwelen en duinbossen).

Verspreiding

Wereld: Oorspronkelijk uit het westen van Noord-Amerika. Ingeburgerd in andere delen van Amerika, in Australië en in Europa. Het meest in Noordwest-Europa.


gbif.org

Nederland: Algemeen in de duinen en plaatselijk vrij algemeen in het oosten en midden van het land. Elders zeldzaam.
Rode lijst 2012. Thans niet bedreigd. Trend sinds 1950: stabiel of toegenomen. Algemeen. Ingeburgerd in de 19de eeuw.


verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Algemeen in de duinen. Elders zeldzamer. De soort breidt zich uit in het binnenland.
Rode lijst. Criteria niet van toepassing.


Wallonië: Zeldzaam tot zeer zeldzaam.

Toepassingen

Geschikt als wintergroente (voor de bloeitijd oogsten), rauw als salade en gekookt als spinazie.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 14, Jan Kops en F.W. van Eeden (1872)


Flora Batava, deel 14, Jan Kops en F.W. van Eeden (1872)

© 2001-2018 K.M. Dijkstra