Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Wit bosvogeltje - Cephalanthera longifolia

Frysk:

English: Narrow-Leaved Helleborine

FranÁais: CťphalanthŤre ŗ longues feuilles

Deutsch: Schwertblšttriges WaldvŲgelein

Synoniemen: Cephalanthera ensifolia

Familie: Orchidaceae (OrchideeŽnfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Cephalanthera komt van het Griekse cephale (hoofd) en anthera (helmknop), de vrij staande meeldraad is gesteeld en kopvormig. Longifolia betekent met lange bladen.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Geofyt.

Bloeimaanden: Mei en juni.

Afmeting: 15-45 cm.


Bernd Haynold -
CC BY-SA 3.0


Stephen Lea -
CC BY-SA 3.0


Bernd Haynold -
CC BY-SA 3.0


Franz Xaver -
CC BY-SA 3.0

Wortels: Een meest horizontale wortelstok.


Bernd Haynold -
CC BY-SA 3.0


Bernd Haynold -
CC BY-SA 3.0


Bernd Haynold -
CC BY-SA 3.0


Bernd Haynold -
CC BY-SA 3.0

Stengels: De slanke, niet behaarde stengels zijn bovenaan zwak geribd en hebben twee tot vier witachtige, zeer wijde scheden met vaak een groenige top aan de voet. Ze zijn meestal tot aan de bloeiwijze bebladerd.


Bernd Haynold -
CC BY-SA 3.0


Bernd Haynold -
CC BY-SA 3.0


Joachim Lutz -
CC BY-SA 4.0


Bartosz Cuber -
CC BY-SA 3.0

Bladeren: De onderste, langwerpige bladeren zijn toegespitst, gevouwen en worden tot 10 cm lang. Ze staan in twee rijen, dicht bijeen, meestal rechtop-afstaand. Zehebben min of meer uitstekende nerven. De bovenste bladeren zijn lijnvormig en donkergroen.


Joachim Lutz -
CC BY-SA 4.0


Joachim Lutz -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant -
CC BY-SA 4.0

Bloemen: Tweeslachtig. De vliezige schutbladen zijn eirond tot lijn-lancetvormig, eennervig en veel korter dan de bloemen. De onderste schutbladen zijn meestal bladachtig. De hogere zijn veel korter dan het vruchtbeginsel. De vrij ijle bloeiwijze bevat tien tot twintig bloemen. De afstaande bloemen zijn wit en klokvormig. De buitenste bloemdekbladen zijn eirond-lancetvormig, spits en 1-1,6 cm lang. De binnenste bloembladen zijn elliptisch en vrij stomp. Ze zijn korter dan of even lang als de buitenste. De lip is ongeveer half zo lang als de buitenste bloemdekbladen en heeft van binnen een gele (zelden geel met oranje) vlek. De top van de lip is stomp en meer breed dan lang. De bloemen zijn minstens tien keer zo lang als breed. Het vruchtbeginsel is niet behaard, cylindrisch, recht of zwak gebogen, niet gesteeld, gedraaid en zesribbig.


Bernd Haynold -
CC BY-SA 3.0


Joachim Lutz -
CC BY-SA 4.0


Joachim Lutz -
CC BY-SA 4.0


Bernd Haynold -
CC BY-SA 3.0

Vruchten: Een doosvrucht. Eenzaadlobbig.


Bartosz Cuber -
CC BY-SA 3.0


Giacomo Bellone -
CC BY-NC-ND 4.0


Christian Widmann - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR


FranÁoise Peyrissat - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR

Biotoop

Bodem: Licht beschaduwde, warme plaatsen op vochtige, voedselarme, kalkrijke grond (mergel, duinzand, lemig zand, lichte klei en zavel).

Groeiplaatsen: Bossen (kalkrijke loofbossen, naaldbossen, hellingbossen en bronbossen), bosranden, struwelen, kalkhellingen, grasland (kalkgrasland nabij struweel) en zeeduinen (duinvalleien).

Verspreiding

Wereld: Gematigde streken in Midden- en West-AziŽ, Noord-Afrika en Zuid-, Midden- en West-Europa. Noordelijk tot in Schotland, West-Noorwegen en het Oostzeegebied.

Nederland: Zeer zeldzaam in het westen van Noord-Brabant, in de duinen bij Petten en in Zuid-Limburg. Vroeger ook bij Havelte.

Vlaanderen: Zeer zeldzaam. Sterk afgenomen.
WalloniŽ:
Zeer zeldzaam. Het meest in het Maasgebied en in Lotharingen.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 22, Jan Kops, F.W. van Eeden en L.Vuyck (1906)


Flora Danica Georg Christian Oeder e.a. (1761-1888)


Illustrations of the British Flora, Walter Hood Fitch (1924)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL