Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Witte abeel - Populus alba

Andere namen

Frysk: Abeelje

English: White Poplar

Français: Peuplier blanc

Deutsch: Silberpappel

Verouderde of andere namen:

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Malpighiales

Familie: Salicaceae (Wilgenfamilie)

Geslacht: Populus (Populier)

Soort: Populus alba

Naamgeving (Etymologie): Abeel is een verbastering van het Latijnse alba (wit). Het Latijnse populus stond als mannelijk woord voor volk zoals in populair, terwijl het als vrouwelijk woord de naam van de boom of de populier betekende. Alba betekent wit.

Kruising: Grauwe abeel (zie daar) is de kruising van Witte abeel en Ratelpopulier.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Boom.

Winterknoppen: Fanerofyt.

Bloeimaanden: Maart en april.

Afmeting: 18-30 meter.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


AnRo0002 - CC0


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 3.0

Wortels: Het wortelstelsel kan een doorsnede van 25 meter bereiken. Er is veel wortelopslag.

Stam: Een brede kroon. De schors is eerst wit, maar wordt later glad en grijs en tenslotte ruw met ruitvormige holten. Aan de voet is de stam gegroefd.


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 3.0


Rosser1954 - CC BY-SA 3.0


MurielBendel - CC BY-SA 3.0


RomanM82 - CC BY-SA 3.0

Takken: Jonge takken zijn witviltig.


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 3.0


4028mdk09 - CC BY-SA 3.0

Bladeren: De bovenkant van de bladeren is donkergroen, de onderkant witviltig. Ze zijn meer breed dan lang, eirond, handvormig gelobd tot gespleten met drie tot vijf grof getande lobben en hebben meestal een iets hartvormige voet. Bladeren aan de lange takken zijn diep ingesneden, die van de korte takken ondiep ingesneden.


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL

Bloemen: Eenslachtig. Tweehuizig. De katjes worden ongeveer 5 cm lang. Ze zijn korter en stijver dan die van Ratelpopulier. Bloemen met bruine, ondiep getande tot bijna gaafrandige iets gewimperde schutbladen, met zes tot tien meeldraden en vier geelachtige tot roze stempels.


AnRo0002 - CC0


AnRo0002 - CC0


Dimìtar Nàydenov - CC BY-SA 3.0


Rob Hille - Public Domain

Vruchten: Een doosvrucht. De vruchtkatjes worden 8-10 cm. Tweezaadlobbig.


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


dzn.eldoc.ub.rug.nl

   

Biotoop

Bodem: Zonnige plaatsen op vrij droge tot vrij natte, matig voedselrijke tot voedselrijke, neutrale tot meestal kalkhoudende grond (van zand tot klei).

Groeiplaatsen: Zeeduinen (duinbossen), bossen (o.a. ooibossen langs grote rivieren), bosranden, struwelen en bermen.

Verspreiding

Wereld: Oorspronkelijk van het Middellandse-Zeegebied door Midden- en Oost-Europa tot in Centraal-Azië. Tegenwoordig ook in Noord-Amerika, een aantal West-Europese landen, in Australië en in Nieuw-Zeeland.


gbif.org

Nederland: Vaak aangeplant. Algemeen ingeburgerd aan de binnenduinrand en aan de randen van de rivierdalen.
Rode lijst 2012. Thans niet bedreigd. Trend sinds 1950: stabiel of toegenomen. Algemeen. Ingeburgerd in de 17de eeuw.


verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Vaak aangeplant. Vrij algemeen ingeburgerd. Het meest in het westen, met name in de duinen.
Rode lijst. Criteria niet van toepassing.


Grauwe abeel en Witte abeel (Populus x canescens en Populus alba)

Wallonië: Zeldzaam.

Wetenswaardigheden

Witte abeel is goed bestand tegen zeewind. Volgens een Griekse legende was de boom oorspronkelijk zwart. Hercules streed met een twijgenkrans van de boom tegen Cerberus, de bewaker van de onderwereld. Door het zweet van Hercules werden de twijgen wit, aldus de legende.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 15, Jan Kops en F.W. van Eeden (1877)


Flora Batava, deel 15, Jan Kops en F.W. van Eeden (1877)


Flora Batava, deel 15, Jan Kops en F.W. van Eeden (1877)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)

© 2001-2018 K.M. Dijkstra