Wilde planten in Nederland en België

Zandteunisbloem - Oenothera deflexa

Frysk:

English: Smallflowered Evening Primrose

Français: Onagre à petites fleurs

Deutsch: Abgebogene Nachtkerze

Synoniemen:

Familie: Onagraceae (Teunisbloemfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Teunisbloem is waarschijnlijk genoemd naar Sint Antonius van Padua. Op 13 juni wordt in veel katholieke landen het feest van Sint Antonius gevierd. De plant begint omstreeks deze tijd te bloeien. Oenothera is genoemd naar een Oudgriekse plant (Oinothèras) waarvan men de wortel opkookte tot een brouwsel dat sterk naar wijn rook. Deflexa betekent gebogen.

Opmerking: De omgrenzing van de verschillende soorten Teunisbloem is zeer ingewikkeld, o.a. doordat soorten kunnen muteren als gevolg van veranderende omstandigheden. Behalve de Teunisbloemen, die je op op deze website kunt vinden zijn er dus nog andere soorten en microsoorten, die hier vanwege de complexiteit niet worden besproken.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Tweejarig.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Hoofdbloei: Juni t/m september.

Afmeting: 60-150 cm.

© Joop Verburg - verspreidingsatlas.nl


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


© Erik-Jan Beenackers -
cc by-nc-nd 3.0


© Peter Meininger -
cc by-nc-sa-3.0

Wortels: Een penwortel.


Naturalis Biodiversity Center -
cc0-1.0


Naturalis Biodiversity Center -
cc0-1.0


Naturalis Biodiversity Center -
cc0-1.0


Naturalis Biodiversity Center -
cc0-1.0

Stengels: De groene stengels staat ook bij het begin van de bloei rechtop. Op de stengel groeien rechte haren op groene knobbels. Stengels zonder rode strepen of vlekken.


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


www.kuleuven-kulak.be/bioweb


www.kuleuven-kulak.be/bioweb


© Erik van Dijk -
cc by-nc-nd 3.0

Bladeren: De rozetbladen zijn afstaand behaard en opgebold tussen de zijnerven. Ze zijn meestal boven het midden het breedst en hebben een roodachtige middennerf.


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


© Gertjan van Noord -
cc by-nd 3.0


© Gertjan van Noord -
cc by-nd 3.0


© Margriet Kampman/Jan van der Meer -
cc by-nc-nd 3.0

Bloemen: Tweeslachtig. De gele kroonbladen zijn 0,9-1,2 cm lang en breed. De kelkbladen zijn groen. Het vruchtbeginsel is spaarzaam behaard met enkelvoudige haren en met klierharen. De kelktopspitsjes zijn meer dan twee keer zo lang als hun tussenruimte.

© Joop Verburg - verspreidingsatlas.nl


© Joke Schaminée-Sluis - verspreidingsatlas.nl


www.kuleuven-kulak.be/bioweb


www.kuleuven-kulak.be/bioweb

Vruchten en zaden: Een doosvrucht. De jonge vruchten zijn spaarzaam behaard met enkelvoudige haren en met klierharen. Tweezaadlobbig.


© Joke Schaminée-Sluis - verspreidingsatlas.nl


© Erik van Dijk -
cc by-nc-nd 3.0


© Gertjan van Noord -
cc by-nd 3.0


© Kjell Nilsen -
cc by-nc-nd 3.0

Biotoop

Bodem: Zonnige, open plaatsen op droge, matig voedselarme tot vaak matig voedselrijke zandgrond.

Groeiplaatsen: Bermen, ruigten, haventerreinen, langs spoorwegen en industrieterreinen.

Verspreiding

Wereld: Oorspronkelijk uit Noord-Amerika. De verspreiding is nog niet goed bekend.

Nederland: Vrij zeldzaam. Het meest in de zuidelijke helft van het land. Ingeburgerd in de 18de eeuw.

Vlaanderen: Vrij algemeen ingeburgerd. Het meest in stedelijke gebieden.
Wallonië
: Vrij zeldzaam ingeburgerd.

2001-2022 K.M. Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl