Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Zeewolfsmelk - Euphorbia paralias

Frysk: Str‚nduveldrek

English: Sea Spurge

FranÁais: Euphorbe maritime

Deutsch: Strand-Wolfsmilch

Synoniemen:

Familie: Euphorbiaceae (Wolfsmelkfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Wolfsmelk heeft te maken met het giftige melksap dat vrijkomt als de stengels doorbreekt. Het sap heeft een bijtend en branderig (met name voor huid en ogen) effect en de 'wolf' (in de betekenis van de duivel) werd gezien als de veroorzaker.
Er zijn twee verklaringen van de wetenschappelijke naam Euphorbia. 1. Euphorbia is genoemd naar Euphorbios, de Griekse lijfarts van koning Juba de Tweede van MauretaniŽ. Hij gebruikte planten van het geslacht Euphorbia als geneeskruid.
2. Euphorbia komt van eu (goed) en pherboo (voeden), omdat het melksap werd gebruikt ter genezing van teringlijders.
Paralias is afgeleid van het Griekse paralios (aan zee groeiend).

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Chamaefyt of geofyt.

Bloeimaanden: Mei, juni en juli.

Afmeting: 30 tot 60 cm.


Luis Miguel Bugallo SŠnchez -
CC BY-SA 4.0


K.M. Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Tigerente -
CC BY-SA 3.0


Frank Vincentz -
CC BY-SA 3.0

Wortels: Een penwortel.


Frank Vincentz -
CC BY-SA 3.0


Frank Vincentz -
CC BY-SA 3.0


herbariaunited.org


herbariaunited.org

Stengels: De stengels staan rechtop. De stengelvoet verhout. De stengels hebben bovengrondse en ondergronds korte, niet bloeiende zijstengels. Zeewolfsmelk vormt pollen.


Olivier Pichard -
CC BY-SA 3.0


Zeynel Cebeci -
CC BY-SA 4.0


ines saraiva -
CC BY 2.0


Olivier Pichard -
CC BY-SA 3.0

Bladeren: De verspreidstaande, licht blauwgroene bladeren zijn kaal, vlezig, dik, langwerpig tot eirond, spits en niet getand. Ze zijn 1-3 cm lang en 1-6 mm breed. De dicht opeen zittende bladeren groeien al vanaf de stengelvoet. De onderkant heeft geen verhoogde middennerf. De bladrand is gaaf.


Frank Vincentz -
CC BY-SA 3.0


Zeynel Cebeci -
CC BY-SA 4.0


Zeynel Cebeci -
CC BY-SA 4.0


Meneerke bloem -
CC BY-SA 3.0

Bloemen: Eenslachtig. Eenhuizig. De bloemschermen bestaan uit twee tot negen (meestal drie tot zes) stralen en eironde, niet vergroeide schutbladen. De honingklieren op de rand van de schijnbloemen hebben de vorm van een halve maan. Ze hebben hoornvormige uiteinden. Vrouwelijke bloemen hebben een bovenstandig vruchtbeginsel met drie stempels. Mannelijke bloemen met vier meeldraden.


K.M. Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Zeynel Cebeci -
CC BY-SA 4.0


K.M. Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Sannse -
CC BY-SA 3.0

Vruchten: Een kluisvrucht. De vruchten zijn 3-5 mm lang en hebben fijne richeltjes. De gerimpelde zaden zijn bleekgrijs, met een mierenbroodje. Tweezaadlobbig.


Roger Culos -
CC BY-SA 3.0


John de Vos - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Liliane Roubaudi - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Zonnige, open plaatsen op droge tot vochthoudende, matig voedselrijke tot voedselrijke, brakke, vaak stuivende grond (duinzand en fijn grind).

Groeiplaatsen: Zeeduinen (stuivende helmduinen, duintjes op strandvlakten, duintjes met aanspoelselgordels langs nieuwe zeedijken en inhammen, op vloedmerk of soms langs boulevards en pieren).

Verspreiding

Wereld: Kustplant van de Middellandse Zee en West-Europa. Noordelijk tot in Groot-BrittanniŽ en Nederland. Ook in het zuiden van AustraliŽ.

Nederland: Zeldzaam langs de kust.

Vlaanderen: Zeldzaam langs de kust.
WalloniŽ:
Niet in WalloniŽ.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 14, Jan Kops en F.W. van Eeden (1872)


Zee Wolfsmelck
Cruijdeboek, deel 3, Rembert Dodoens. Wortelen, medecynale cruyden, ende quaden hinderlijcke ghewassen (1554)


Illustrations of the British Flora, Walter Hood Fitch (1924)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL