Zomeralsem - Artemisia annua

Frysk:

English: Sweet wormwood (Annual mugwort, Annual wormwood)

Français: Armoise anuelle

Deutsch: Einjähriger Beifuss

Synoniemen:

Familie: Asteraceae (Composietenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Er zijn meerdere verklaringen voor de naam.Artemisia zou kunnen afstammen van het Griekse artemès (gezond), vanwege de vele geneeskrachtige eigenschappen van de soorten van dit geslacht. Een tweede mogelijkheid is dat de naam is afgeleid van de godin van geboorte en vrouwen Artemis Eileythyia (de planten werden gebruikt bij vrouwenziektes). Ook is wel geopperd dat Artemis is vernoemd naar koningin Artemisia van Halikarnassos in Karië, die voor haar echtgenoot een beroemd mausoleum liet bouwen. Annua betekent eenjarig.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Eenjarig.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Therofyt.

Hoofdbloei: September t/m november.

Afmeting: 20-150 cm.


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant - cc by-sa 4.0


Stefan.lefnaer - cc by-sa 4.0


Asya Petrosyan - cc by 4.0


Stefan.lefnaer - cc by-sa 4.0

Wortels: Geen wortelstokken en uitlopers.


Stefan.lefnaer - cc by-sa 4.0


Royal Botanic Garden Edingburgh - cc by-nc-sa 4.0


Biologiezentrum der Oberoesterreichischen Landesmuseen - cc by-sa 4.0


biodiversity naturalis - cc0

Stengels: Een sterk aromatische plant. De rechtopstaande, gladde, gegroefde stengels zijn kaal (zeer zelden iets behaard).


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant - cc by-sa 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant - cc by-sa 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant - cc by-sa 4.0


Stefan.lefnaer - cc by-sa 4.0

Bladeren: De wortelbladen zijn langgesteeld en in omtrek driehoekig-eirond met langwerpige slippen. De onderste en middelste bladen zijn twee- tot viervoudig veerdelig of veerspletig met lijn-lancetvormige, 0,5-1(-1,3) mm brede slippen (varenachtig). De bovenste bladen zijn zittend en kleiner met lijnvormige slippen. Alle bladen staan verspreid en zijn kaal.


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant - cc by-sa 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant - cc by-sa 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant - cc by-sa 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant - cc by-sa 4.0

Bloemen: Polygaam. De kleine, 2-3 mm grote bloemhoofdjes zijn lichtgeel en bolvormig. Samen vormen ze een wijdvertakte, grote pluim verenigd met knikkende bloemstelen. De (weinige) buitenste omwindselbladen zijn onbehaard, langwerpig-lijnvormig en kruidachtig, de binnenste zijn bijna rond en droogvliezig. De bloemen verspreiden  een kamferachtige geur.


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant - cc by-sa 4.0


Stefan.lefnaer - cc by-sa 4.0


Stefan.lefnaer - cc by-sa 4.0


Matt Berger - cc by 4.0

Vruchten en zaden: Een eenzadige dopvrucht of nootje. Tweezaadlobbig.


Jared Gorrell - cc by-nc 4.0


Marianela Astudillo - cc by-nc 4.0


Asya Petrosyan - cc by 4.0


Steve Hurst - Public Domain

Biotoop

Bodem: Zonnige plaatsen op droge of tijdelijk natte grond.

Groeiplaatsen: Ruigten, braakliggende grond, ruige bermen, kanaaloevers en ruderale terreinen.

Verspreiding

Wereld: Oorspronkelijk uit Azië.

Nederland: Niet ingeburgerd. Zeer zeldzaam.

Vlaanderen: Ingeburgerd. Zeer zeldzaam.

Wallonië: Ingeburgerd. Zeer zeldzaam. Voor het eerst gevonden in de buurt van Pepinster (vallei van de rivier de Vesdre) in 1891.

©2001-2022 Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl