Wilde planten in Nederland en België

Zwarte populier - Populus nigra

Frysk: Popelier

English: Black Poplar

Français: Peuplier noir

Deutsch: Schwarz-Pappel

Synoniemen:

Familie: Salicaceae (Wilgenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Het Latijnse populus stond als mannelijk woord voor volk zoals in populair, terwijl het als vrouwelijk woord de naam van de boom of de populier betekende. Nigra betekent zwart.

Variëteit: Italiaanse populier (Populus nigra cv. Italica) wordt vaak aangeplant. Deze cultuurvorm heeft een slanke, zuilvormige kroon. Niet verwilderd.


© Adrie van Heerden - verspreidingsatlas.nl


Cor Nonhof - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Rasbak -
CC BY-SA 3.0


Rasbak -
CC BY-SA 3.0

Een andere soort: Canadapopulier (Populus x canadensis) wordt tot 30 meter hoog. Deze boom wordt veel aangeplant voor o.a. de houtproductie, maar komt niet in het wild voor.


Marcus - Public Domain


Dimìtar Nàydenov -
CC BY-SA 3.0


Matt Lavin -
CC BY-SA 2.0


Matt Lavin -
CC BY-SA 2.0

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Boom.

Winterknoppen: Fanerofyt.

Bloeimaanden: April.

Afmeting: 15-25 meter.


Maclemo - CC BY-SA 3.0 at


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 3.0


GrieSoß -
CC BY-SA 3.0


Christian Fischer -
CC BY-SA 3.0

Stam: Een brede, onregelmatige kroon. De schors is zwartachtig tot donkerbruin, dik en gegroefd.


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 3.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 3.0


Christian Fischer -
CC BY-SA 3.0


Christian Fischer -
CC BY-SA 3.0

Takken: De boom is wijd vertakt. De takken zijn kaal. Jonge takken zijn rond en glanzend grijsgeel, maar worden later grauw.


Christian Fischer -
CC BY-SA 3.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant -
CC BY-SA 4.0


Darko Nikolovski -
CC BY-SA 3.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 3.0

Bladeren: De kleverige knopschubben ruiken naar balsem. De kale bladeren zijn 5-10 cm. Ze zijn eirond-ruitvormig tot driehoekig, aan de voet meestal wigvormig en aan de top toegespitst. Een lange bladsteel zonder kliertjes aan de top. De bladrand is iets doorschijnend, fijn getanden niet gewimperd. De schutbladen zijn handvormig ingesneden en kaal. Tijdens de bloei vallen ze af.


Andrew Butko -
CC BY-SA 3.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant -
CC BY-SA 4.0


Matt Lavin -
CC BY-SA 2.0


Christian Fischer -
CC BY-SA 3.0

Bloemen: Eenslachtig. Tweehuizig. De stempels zijn geelachtig. Er zijn twaalf tot dertig meeldraden met rode helmknoppen. Het vruchtbeginsel is eivormig met twee naden.


Bodow - CC BY-SA 4.0 (vrouwelijke bloemen)


Bodow - CC BY-SA 4.0 (mannelijke bloemen)


Roland Nonnenmacher -
CC BY-SA 2.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant -
CC BY-SA 4.0

Vruchten: Een doosvrucht. De hangende katjes zijn in omtrek rond en 5-10 cm lang. De vrouwelijke katjes zijn meestal langer dan de mannelijke. Tweezaadlobbig.


Darko Nikolovski -
CC BY-SA 3.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant -
CC BY-SA 4.0


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Zonnige plaatsen op vochtige tot natte, zwak zure tot neutrale, voedselrijke grond (zand, zavel, klei en riviergrind).

Groeiplaatsen: Zeeduinen (binnenduinrand), waterkanten (langs rivieren), ruigten (natte ruigten), bossen (ooibossen langs de rivieren, in de hoogste delen van schietwilg- en essenbossen) en bosranden.

Verspreiding

Wereld: Van het Middellandse-Zeegebied door Midden- en Oost-Europa tot in Midden-Azië. Elders soms ingeburgerd.

Nederland: Plaatselijk vrij algemeen.

Vlaanderen: Zeldzaam.
Wallonië:
Zeldzaam.

Toepassingen

De kwaliteit van het hout is niet erg hoog, maar wordt wel gebruikt voor het maken van lucifers, pulp voor krantenpapier, fruitkistjes en lucifersdozen. In Nederland wordt het hout ook veel gebruikt voor het maken van klompen. In kalkgebieden horen Zwarte populieren en Canadapopulieren tot de belangrijkste gastheren voor Maretak (Viscum album).

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 14, Jan Kops en F.W. van Eeden (1872)


Afbeeldingen der artseny-gewassen met derzelver Nederduitsche en Latynsche beschryvingen, deel 4, Johann Carl Krauss (1800)


Swerte Populierboom
Cruijdeboek, deel 6, Rembert Dodoens. Van der boomen, haghen, ende alle houtachtighe gewassen, en van huerder vruchten, gummen ende sapen ondersceet, fatsoen, naem, natuere, cracht ende werkinghe (1554)


Flora von Deutschland, Österreich und der Schweiz, Prof. Dr. Otto Wilhelm Thomé (1885-1905)


Botanischer Bilderatlas nach dem natürlichem Pflanzensystem, K. Hoffmann, E. Dennert (1911)


Unsere Waldbäume, Sträucher und Zwergholzgewächse, L. Klein (1910)


Phytanthoza iconographia, deel 4, J.W. Weinmann (1745)


Illustrations of the British Flora, Walter Hood Fitch (1924)


Populus nigra var. betulifolia
Curtis's Botanical Magazine, deel 136, M. Smith (1910)


The garden. An illustrated weekly journal of horticulture in all its branches, deel 27 William Robinson (1885)


Flore médicale, deel 5, F.P. Chaumeton (1831)


Traité des arbres et arbrissaux, Atlas, P. Mouillefert (1892-1898)


Kräuterbuch, Unsere Heilpflanzen in Wort und Bild, Friedrich Losch (1914)


Botanischer Bilderatlas nach De Candolle's Natürlichem Pflanzensystem, Carl Hoffmann (1884)


Medizinal Pflanzen, deel 1, F.E. Köhler, W. Müller (1887)


Vollständige Beschreibung und Abbildung der Sämmtlichen Holzarten, F.L. Krebs (1826)


English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 8, J.E. Sowerby (1868)


Herbarium Blackwellianum, deel 3, E. Blackwell (1757)


Atlas des plantes de France, deel 3, Amédée Masclef (1893)

 

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL